Rb. Amsterdam 15 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:8366

Eisers in deze zaak vorderen verklaringen voor recht inhoudende dat zij niet onrechtmatig hebben gehandeld jegens gedaagden bij de herstructurering van de onderneming, waarin gedaagden een belang hadden. In dit vonnis gaat het om de vraag of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft om de door eisers jegens gedaagden ingestelde vorderingen te beoordelen. De rechtbank komt tot de conclusie dat zij voor alle vorderingen rechtsmacht heeft.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken