Rb. Amsterdam 10 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3875

Onderzoek Kapra en Kapra Annex. Veroordeling van het kopstuk van een langdurig opererende valse facturenfabriek. Verdachte en de medeverdachten hielden zich op zeer grote schaal bezig met het opmaken van facturen waar geen kledinghandel aan ten grondslag lag maar die wel werden gebruikt voor het doen van belastingaangifte. Verdachte heeft zich gedurende een periode van meer dan zes jaren schuldig gemaakt aan valsheid in geschrift ten behoeve van het plegen van belastingfraude en het gebruik maken daarvan, waarbij in het onderzoek Kapra voor minstens 40 miljoen euro is gefraudeerd in de kledinghandel. Het geleden nadeel van de Belastingdienst bedraagt minstens 10 tot 13 miljoen euro. In het onderzoek Kapra Annex is voor minstens 11.4 miljoen euro gefraudeerd en heeft de Belastingdienst minstens 2 miljoen euro nadeel geleden. De aangevoerde persoonlijke (waaronder medische) omstandigheden van verdachte zijn naar het oordeel van de rechtbank niet zodanig, dat daar bij het bepalen van de strafmaat in matigende zin rekening mee moet worden gehouden. Gelet op de ingewikkeldheid van de zaak, het omvangrijke onderzoek en de invloed van verdachte op het procesverloop, is de rechtbank van oordeel dat berechting van verdachte binnen een redelijke termijn plaatsvindt en er geen sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn. Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf jaar met aftrek van het voorarrest, passend en geboden is.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen