Rb. Amsterdam 12 juni 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:3270
Vonnis inzake de strafzaak Iraklia/Hendon met betrekking tot de moord op Peter R. de Vries. Wegens het ontbreken van rechtsmacht verklaart de rechtbank het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van het feit met betrekking tot de in Polen aangetroffen drugs. Verdachte wordt veroordeeld voor medeplichtigheid aan de moord en het medeplegen van het voorhanden hebben en overdragen van wapens en munitie. De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte deze feiten heeft begaan met een terroristisch oogmerk, zodat hij daarvan wordt vrijgesproken. Voorts wordt verdachte vrijgesproken van deelname aan een criminele (terroristische) organisatie. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 14 jaar op aan verdachte.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 31 oktober 2023, ECLI:NL:HR:2023:1495
- HR 20 september 2022, ECLI:NL:HR:2022:1250
- HR 5 juli 2022, ECLI:NL:HR:2022:969
- HR 28 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:958
- HR 15 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:840
- HR 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793
- HR 15 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK6148
- HR 16 oktober 1990, ECLI:NL:HR:1990:AD1248