Rb. Amsterdam 19 mei 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:2514

Rechtmatigheidsverweer ten aanzien van de doorzoeking op grond van art. 23 WED en 96b Sv wordt verworpen. Het resultaat van de doorzoeking, namelijk het aantreffen van de pakketten met cocaïne kan voor het bewijs worden gebruikt. Ter terechtzitting heeft verdachte een verklaring afgelegd, maar deze is niet meer verifieerbaar. Verdachte heeft bovendien verklaard dat hij wist dat het niet pluis was. Ook is het DNA van verdachte op een hengsel van een bigshopper, waarin deze pakketten met cocaïne zaten, aangetroffen. Daarmee heeft verdachte tenminste voorwaardelijk opzet gehad op het vervoeren van de cocaïne en had hij ook de beschikkingsmacht hierover. Verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 42 maanden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen