Rb. Amsterdam 29 januari 2019, ECLI:NL:RBAMS:2019:983

Mediabedrijf wil medezeggenschapsstructuur reorganiseren en een gemeenschappelijke ondernemingsraad instellen in plaats van vier ondernemingsraden en een centrale ondernemingsraad. Een van de bestaande ondernemingsraden heeft daar bezwaar tegen en vordert een verbod. Art 3 WOR. Vraag of het instellen van een gemeenschappelijke ondernemingsraad bevorderlijk is voor een goede toepassing van deze wet in de betrokken ondernemingen. Bij de beantwoording van die vraag past de rechter terughoudendheid. Van belang zijn alle omstandigheden van het geval, met name de mate van samenhang tussen de verschillende ondernemingen. Mede gelet op de terughoudendheid die de rechter in deze past, heeft de ondernemer voorshands voldoende aannemelijk gemaakt dat de onderhavige reorganisatie, waarvan onderdeel uitmaakt dat de afzonderlijke OR wordt opgeheven, bevorderlijk is voor een goede toepassing van de WOR. Onder meer om die reden wordt de vordering afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen