Rb. Amsterdam 28 oktober 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:7495

VEB stelt namens gedupeerde beleggers Landis voormalige bestuurders Landis aansprakelijk voor door hen geleden schade. Rechtbank oordeelt onder verwijzing naar het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 19 juni 2013 (ECLI:NL:RBMNE:2013:CA3225) dat door de jaarrekeningen en jaarverslagen over de jaren 1999 en 2000 en het halfjaarbericht 2001 een misleidende voorstelling van de toestand van de vennootschap is gegeven en dat de bestuurders jegens de gedupeerde beleggers aansprakelijk zijn voor de schade die zij dientengevolge hebben geleden op grond van artikel 2:139 BW. De rechtbank oordeelt voorts dat ook twee uitlatingen van Landis in de media onrechtmatige waren en dat de bestuurders ook daarvoor aansprakelijk zijn jegens de gedupeerde beleggers (artikel 6:162 BW). Aangezien de bestuurders onvoldoende hebben betwist dat de onjuiste informatie over de bedrijfsresultaten van Landis in 1999, 2000 en in de eerste helft van 2001 (in de financiële verslaglegging en in de media) enige invloed op de beurskoers heeft gehad, is de mogelijkheid dat beleggers daardoor schade hebben geleden voldoende aannemelijk. Het causaal verband (condicio sine qua non) is daarmee gegeven. De vraag in hoeverre de gestelde schade kan worden toegerekend aan de misleidende (half)jaarcijfers en misleidende uitingen in de media (als bedoeld in artikel 6:98 BW) kan (mede gelet op het door de bestuurders gevoerde verweer (internetzeepbel en de euforische stemming onder beleggers die grote verwachtingen hadden van de it-sector) in de schadestaatprocedure en/of door gedupeerde beleggers te entameren andere procedures aan de orde komen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken