Rb. Amsterdam 26 november 2012, ECLI:NL:RBAMS:2012:9207
Wrakingsverzoek tegen leden van de rechtbank Rotterdam die zitting hadden in de Bunker te Amsterdam. Het wrakingsverzoek is behandeld door leden van de rechtbank Amsterdam, die hiertoe als rechters- plaatsvervanger te Rotterdam bevoegd zijn. Wrakingsverzoek afgewezen. Uitgangspunt bij de beoordeling is dat een verzoek tot wraking niet is bedoeld om onwelgevallige rechterlijke beslissingen ter discussie te stellen. Het gesloten systeem van rechtsmiddelen staat daaraan in de weg. Zelfs als een beslissing als onjuist zou moeten worden aangemerkt, vormt dat op zichzelf beschouwd nog geen grond om te veronderstellen dat de betrokken rechter vooringenomen is. Het is de taak van de wrakingskamer om te beoordelen of sprake is van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden. Dat laatste kan slechts het geval zijn als in het licht van de feiten en omstandigheden van het geval een beslissing, waaronder begrepen de motivering daarvan, redelijkerwijze niet anders kan worden verklaard dan doordat deze door vooringenomenheid van de rechters is ingegeven. De door de rechters genomen beslissingen getuigen daarvan niet.
De uitspraak op rechtspraak.nl