Conclusie A-G Bartels 7 november 2025, ECLI:NL:PHR:2025:1211

Erfgenaam verzoekt machtiging om nalatenschap alsnog beneficiair te aanvaarden i.v.m. onbekende schulden van de nalatenschap (art. 4:194a lid 1 BW). Kantonrechter en hof wijzen verzoek toe. Oordeel dat erfgenaam geen kennis had dan wel behoorde te hebben van (gestelde) schulden; verzoek tijdig binnen drie maanden ingediend. Klachten in cassatie: onjuiste rechtsopvatting m.b.t. toerekenen kennis van executeur aan erfgenaam. Art. 4:145 BW. Art. 3:60 lid 2 BW. Art. 3:66 lid 1 BW. Onjuiste rechtsopvatting m.b.t. aard van de schuld in de zin van art. 4:194a BW. Onjuiste rechtsopvatting m.b.t. onderzoeksplicht erfgenaam; motiveringsklachten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken