Conclusie A-G Bleichrodt 12 juli 2024, ECLI:NL:PHR:2024:763

Vordering PG tot cassatie in het belang der wet. Uitleg van de maatstaf ‘de aard van het misdrijf’ als bedoeld in art. 2 lid 1 onder b Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. Deze maatstaf moet beperkt worden uitgelegd. De maatstaf van ‘de aard van het misdrijf’ moet in samenhang worden bezien met de maatstaf ‘de bijzondere omstandigheden waaronder het misdrijf is gepleegd’. Bij de beoordeling of het bepalen en verwerken van het DNA-profiel, gelet op de aard van het misdrijf, niet van betekenis zal kunnen zijn voor de voorkoming, opsporing, vervolging en berechting van strafbare feiten van de veroordeelde, dient volgens de PG een toetsing in abstracto plaats te vinden. Daarbij mag rekening worden gehouden met de voortschrijdende techniek. De rechtbank heeft dit alles volgens de PG niet miskend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken