Conclusie A-G Keulen 26 november 2024, ECLI:NL:PHR:2024:1423

Conclusie A-G. Veroordeling medeplegen diefstal met geweld (art. 312 Sr) en medeplegen voorhanden hebben vuurwapens en munitie (art. 26 WWM). 1. Klacht over ontbrekende pleitnota. 2. Klacht over het verzuim te beslissen op beroep op psychische overmacht. 3: Klacht over bewijsvoering voorhanden hebben CZ Scorpion. 4. Klacht over bewijsvoering voorhanden hebben vuurwapens en geluidsdempers voor vuurwapens. De conclusie strekt tot verwerping van het beroep.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Tekst

PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 23/03758
Zitting 26 november 2024
CONCLUSIE
B.F. Keulen
In de zaak
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975,
hierna: de verdachte

1 De verdachte is bij arrest van 14 september 2023 door het gerechtshof Amsterdam wegens 1. ‘medeplegen van diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken’, 2. ‘medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd, en medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd’, 5. medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd, en medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II, meermalen gepleegd, en medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd’, en 6. ‘medeplegen van handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd’, veroordeeld tot acht jaren en drie maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest als bedoeld in art. 27, eerste lid, Sr. Verder heeft het hof de teruggave aan de verdachte gelast van twee voorwerpen en de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van een voorwerp gelast.

2 Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte. P. Scholte, advocaat in Amsterdam, heeft vier middelen van cassatie voorgesteld.

3 De rechtbank heeft alleen het onder 2 tenlastegelegde feit bewezenverklaard en de verdachte deswege veroordeeld.

4 De middelen betreffen het ontbreken van een pleitnota, het verzuim van het hof een uitdrukkelijk voorgedragen verweer te bespreken en de bewijsvoering. Alvorens de middelen te bespreken geef ik de bewezenverklaring, delen van de bewijsvoering, een deel van het proces-verbaal van een zitting in hoger beroep en een deel van het proces-verbaal van een zitting in eerste aanleg weer.

Bewezenverklaring, bewijsvoering en processen-verbaal ter terechtzitting

5 Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:

‘1. Primair.

hij op 25 juni 2020 te Amsterdam tezamen en in vereniging met anderen een telefoon die aan [betrokkene 1] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan en werd vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [betrokkene 2] en [betrokkene 1] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, door

- gewapend met vuurwapens naar de hotelkamer van die [betrokkene 2] en [betrokkene 1] te gaan en

- die [betrokkene 2] na het openen van de deur weg te duwen en

- op die [betrokkene 1] te gaan zitten en met gebalde vuist op het hoofd van die [betrokkene 1] te slaan en - te roepen dat die [betrokkene 2] en [betrokkene 1] niet moesten schreeuwen en

- met een vuurwapen op het hoofd van die [betrokkene 1] te slaan en

- die [betrokkene 2] in de buik te trappen.

2.

hij in de periode van 21 januari 2020 tot en met 1 juli 2020 te Amsterdam en/of [plaats] , tezamen en in vereniging met een ander, meerdere vuurwapens van categorie III onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten,

- een revolver, merk/type Kimber 6S, kaliber .357 magnum (serienummer verwijderd) en

- een pistool, merk/type Glock 17 gen 4, kaliber 9x19 mm (serienummer verwijderd) en

- een revolver, merk/type Smith & Wesson 773, kaliber .357 magnum (serienummer verwijderd) en

- een pistool, merk/type CZ P-10S, kaliber 9x19 mm (serienummer verwijderd) en

- een revolver, merk/type Smith & Wesson 60, kaliber .38 special (serienummer verwijderd) en

- een pistool(kast), merk/type CZ P-10S, kaliber 9x19 mm en

- een pistool, merk/type Grand Power K100F, kaliber 9x19 mm (serienummer verwijderd) en

- een pistool, merk/type Zoraki M906, kaliber 7,65 mm (serienummer 000292) en

- een revolver, merk/type Smith & Wesson 36-2, kaliber .38 special (serienummer verwijderd)

en

munitie in de zin van art. 1 onder 4° van de Wet wapens en munitie, te weten munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van die wet, van de Categorie III, te weten,

- 13 kogelpatronen .357 magnum en

- 77 kogelpatronen 9x19 mm en

- 3 kogelpatronen 7.65 mm en

- 45 kogelpatronen .357 magnum en

- 50 kogelpatronen 9x19mm en

- 27 kogelpatronen .38 special en

- 48 kogelpatronen 7.65 mm en

- 20 kogelpatronen 9x19 mm en

- 5 kogelpatronen .357 magnum,

voorhanden heeft gehad, (telkens) zijnde een vuurwapen in de vorm van een geweer/ revolver/ pistool en (bijbehorende) scherpe patronen/ kogels.

5.

hij in de periode van 21 januari 2020 tot en met 1 juli 2020 te [plaats] , tezamen en in vereniging met een ander wapens van categorie II en III en munitie van categorie II en III, te weten,

- een machinepistool, merk/type FN UZI model A, kaliber 9x19 mm (serienummer verwijderd) en

- een machinepistool, merk/type Ceska Zbrojovka model Scorpion EVO 3 A1, kaliber 9x19 mm (serienummer verwijderd) en

- tien automatische geweren (merk/type COLT M16 A1) en

- een machinepistool (merk/type Agram 2002) en

- zeven revolvers (merk/type Smith & Wesson model 10/36/60) en

- drie revolvers (merk/type Ruger SP101) en

- zeven patroonmagazijnen (geschikt voor een Colt M16 A1) en

- een machinegeweer (merk/type FN Fal) en

- twee machinepistolen (merk/type H&K MP5k) en

- een volautomatisch machinegeweer (merk/type FN Minimi) en

- een grendelgeweer, zijnde een lange afstand precisiewapen (merk/type Steyr HS50) en

- een grendelgeweer, zijnde een lange afstand precisiewapen (merk/type Mosin Nagant) en

- een grendelgeweer, zijnde een lange afstand precisiewapen (merk/type Waffenfabrik Bern K31) en

- een revolver (merk/type Smith & Wesson 627-5 Performance Center),

en

munitie in de zin van art. 1 onder 4e van de Wet wapens en munitie, te weten munitie als bedoeld in art. 2 lid 2 van die wet, van de Categorie III, te weten,

- 39 kogelpatronen 7.62x51 mm en

- 12 kogelpatronen 5.56x45 mm en

- 8 kogelpatronen .357 magnum en

- een aantal patronen (.357 magnum en 5.56x45mm en .45 auto en 7.62mm en 0.50 en 7.5x55mm Swiss), voorhanden heeft gehad, (telkens) zijnde vuurwapens in de vorm van een (machine)geweer/ revolver/ (machine)pistool en (bijbehorende) scherpe patronen/kogels.

6.

hij in de periode van 21 januari 2020 tot en met 1 juli 2020 te [plaats] tezamen en in vereniging met een ander een wapen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van categorie I, onder 3, te weten twee geluiddempers voor een vuurwapen voorhanden heeft gehad.’

6 Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen (met weglating van verwijzingen):

‘Ten aanzien van de feiten 1, 2, 5 en 6:

1 De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg van 19 maart 2021.

Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:

Ik heb drie tot vier maanden bij [betrokkene 3] verbleven.

[betrokkene 2] was samen met [betrokkene 1] in de hotelkamer. Er heeft een gevecht/worsteling plaatsgevonden. Er lagen vuurwapens in de ruimte. Ik zag dat [betrokkene 3] een wapen had toen hij van het bed afstapte. Ik heb uit de hotelkamer een vuurwapen en nog een vuurwapen dat op tafel lag meegenomen. Die zijn meegenomen in de Hugo Boss tas. De zwarte Lenovo laptop is van mij en de laptoptas is van mij. Ik ben het hotel uitgelopen en ik heb de wapens aan [betrokkene 3] gegeven. Hij heeft de wapens in een zwarte sporttas gedaan. Ik ben uit het hotel vertrokken met de Opel Corsa. [betrokkene 3] is ook in de Opel terechtgekomen. Toen wij in de Opel Corsa reden, zat de politie al een tijdje achter ons aan. Ik wist dat er wapens in de auto lagen. [betrokkene 3] had een wapen op zijn schoot. Ik ben pas gestopt op een kruispunt.

Het klopt dat ik in de woning van [betrokkene 3] in [plaats] verbleef. In die periode heb ik in de woning weleens vuurwapens gezien. Ze lagen telkens los op tafel. Ik heb de wapens in de woning weleens aangeraakt. Ik heb de wapens in mijn hand genomen, zoals je doet als je een wapen bekijkt. Losse munitie heb ik ook in de woning gezien. De selfie met het wapen is gemaakt in de woning van [betrokkene 3] . Ik heb die gemaakt. Ik heb sommige foto’s gemaakt voor [betrokkene 3] . Soms vroeg hij “maak een foto van mij hiermee”.

Ik heb weleens in het kantoor van de loods gewerkt. Ik heb er weleens op de bank geslapen voor een korte siësta. In de loods heb ik wapens gezien.

Ik ben voor het laatst in de loods geweest toen ik de Opel Corsa voor [betrokkene 3] heb opgehaald. Dat was kort voor mijn aanhouding. Ik heb foto’s van de wapens in de loods gemaakt.

Ik had een IPhone XS. Daarmee heb ik foto’s gemaakt die door de politie zijn aangetroffen op mijn IPhone 11. De IPhone XS maakt een beveiligingskopie op mijn IPhone 11. Op die manier zijn de foto’s van de IPhone XS op de IPhone 11 terechtgekomen.

2 De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2023.

Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:

Ik verbleef tot mijn aanhouding op 25 juni 2020 enkele maanden in de woning van [betrokkene 3] aan de [a-straat 1] in [plaats] . Daar heb ik vuurwapens en munitie gezien en deze heb ik weleens verplaatst.

Ik kwam regelmatig in het kantoorgedeelte van de loods aan de [b-straat 1] in [plaats] om daar te werken. Ik heb daar regelmatig siësta’s gehouden op het bankje dat daar stond. In de maand februari 2020 kwam ik vaak in de loods, omdat ik toen bezig was met een opdracht voor een klant.

3 Een proces-verbaal van verhoor van getuige van 27 oktober 2020, opgemaakt door [verbalisant] , rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Amsterdam.

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, een verklaring van de verdachte als getuige in de strafzaak tegen de medeverdachte:

Ik heb wapens in de loods gezien. Ik zat met [verdachte] in de auto en hij zei dat jij me iets op kantoor ging laten zien. [verdachte] vroeg mij vaker om foto's te maken als we ergens waren. Hij poseerde erbij om stoer te doen. We zijn weer weg gegaan en volgens mij bleven de wapens liggen zoals ze lagen.

(…)

Ten aanzien van feit 1 en 2:

10 Een proces-verbaal van bevindingen van 26 juni 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 25 juni 2020 hoorde ik van de centrale meldkamer te Driebergen, de melding dat er een voertuig op de rijksweg A5 Li door een ANPR was gereden, welke betrokken zou zijn bij een overval in een hotel in Amsterdam. Dit voertuig was voorzien van kenteken [kenteken] . Bij de overval zouden de verdachten gebruik gemaakt hebben van een vuurwapen.

Om 20:18 uur zag ik dat genoemd voertuig ons passeerde op de rijksweg A4 Re ter hoogte van hectometerpaal 16,5. Ik heb vervolgens onmiddellijk de meldkamer in Driebergen via de mobilofoon in kennis gesteld. Ik ben vervolgens achter genoemd voertuig gaan rijden en gaf samen met de collega van de KMAR onze positie door. Ik zag dat er in genoemd voertuig twee mannen zaten. Eén achter het stuur en één als bijrijder.

Ik zag dat genoemd voertuig de rijksweg A44 op reed. Ik heb continu zicht gehad op genoemd voertuig en de inzittenden. Nadat er meerdere opvallende eenheden waren aangesloten, heb ik bovengenoemd voertuig een stopteken gegeven. Ik zag vervolgens dat genoemd voertuig harder begon te rijden. Vervolgens hebben ik de optische en geluidsignalen van ons dienstvoertuig aangezet. Ik zag vervolgens dat het voertuig nog harder begon te rijden, ik zag namelijk dat de afstand tussen ons en het voertuig groter werd. Hierop heb ik de snelheid verhoogd en hebben wij continu onze positie doorgegeven via de mobilofoon aan de meldkamer en de overige eenheden. We reden vervolgens de rijksweg A44 op en ik zag dat het voertuig afrit 8 [plaats] nam om vervolgens via de binnenstad van [plaats] uiteindelijk uit te komen in de [c-straat] alwaar ik zag dat het voertuig tot stilstand kwam.

Ik zag vervolgens dat de beide portieren open gingen en ik zag dat de bestuurder en bijrijder begonnen weg te rennen. Ik ben achter de bestuurder aangerend en heb tijdens het rennen de verdachte meerdere malen met luide stem en op niet mis te verstane wijze kenbaar gemaakt dat hij moest blijven staan en zijn handen moest laten zien. Ik zag dat de bestuurder welke later bleek te zijn:

[verdachte] , geboren op [geboortedatum] -1975 te [geboorteplaats] ,

geen gehoor gaf aan mijn bevelen, gelet op de melding dat er bij de overval gebruik was gemaakt van een vuurwapen en omdat de verdachten in eerste instantie niet wilde stoppen, voelde ik mij genoodzaakt om waarschuwingsschoten te lossen.

Ik zag dat de verdachte nadat ik waarschuwingsschoten had gelost na 10 meter verder rennen opgaf en op zijn buik ging liggen in het grasveld aldaar gelegen. Ik heb vervolgens mijn vuurwapen geborgen om zodoende de verdachte aan te houden en de handboeien aan te kunnen leggen. Verdachte : [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1975 te [geboorteplaats] in [plaats] .

Voertuig : personenauto, Opel Corsa, kleur grijs, Nederland, kenteken [kenteken] .

11 Een proces-verbaal van aanhouding van 26 juni 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisanten (of één of meer van hen):

Op 25 juni 2020 omstreeks 20:15 uur hoorden wij van de meldkamer dat er zojuist een gewapende overval was gepleegd in Amsterdam en dat het betrokken voertuig nu ter hoogte reed van hectometerpaal 5.6 links op de A5. Wij hoorden dat het betrokken voertuig een grijze Opel Corsa was voorzien van kenteken [kenteken] .

Na enkele minuten zagen wij het bovengenoemde voertuig ons passeren op de A4 rechts. Wij zijn hierop het voertuig gaan volgen. Wij zagen dat er twee personen in het voertuig zaten.

Wij zagen dat het voertuig besloot om de afslag A44 te pakken.

Wij zagen dat het voertuig de afslag N206 richting [plaats] nam. Wij zagen dat het voertuig nog steeds geen gehoor gaf aan het stopteken. Wij zagen dat wij de binnenstad van [plaats] in reden. Wij zagen dat de snelheid van het voertuig omhoog ging. Wij zagen dat deze straat over ging in de [c-straat] . Wij zagen dat het voertuig abrupt stopte. Wij zagen dat aan beide kanten van het voertuig de portieren werden geopend.

Wij zagen dat de bestuurder en bijrijder begonnen te rennen. Ik zag tijdens het vallen dat de bijrijder iets uit zijn linkerhand gooide. Ik zag dat dit een zwart glimmende object betrof. Ik zag dat het weggooide zwart glimmende object een patroonhouder met patronen betrof.

Ik zag dat de bijrijder zijn handen liet zakken richting zijn broeksband. Ik heb enkele minuten later de rechterbroekzak van de bijrijder voorzichtig open gesneden om het mogelijk vuurwapen zo veilig mogelijk eruit te halen. Ik zag dat het inderdaad om een vuurwapen ging en heb voorzichtig het vuurwapen uit de rechterbroekzak gehaald.

12 Een proces-verbaal forensisch onderzoek plaats delict van 29 juni 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant (of één van hen):

Wij kregen het verzoek om een sporenonderzoek uit te voeren in en aan een personenvoertuig. De personenauto betrof een grijze Opel Corsa met kenteken [kenteken] .

In het deurvak van die linkerportier zagen wij onder een prop papier onder meer een patroon. Wij zagen dat dit revolvermunitie betrof. Wij zagen op de bestuurdersstoel nog twee van diezelfde patronen liggen.

Achter de bestuurdersstoel zagen wij een geopende laptoptas op de vloer van de auto staan. In het hoofdvak van de laptoptas zagen wij onder meer twee vuurwapens. De voornoemde vuurwapens hebben wij nader onderzocht. Wij zagen dat het een pistool en een revolver betroffen. Wij zagen dat het pistool een Glock 17 Gen4 desert tan editie betrof. Wij zagen dat er een patroonhouder in de kolf van het vuurwapen zat. Wij zagen dat er in de patroonhouder 12 patronen aanwezig waren.

Wij zagen dat de revolver een Kimber Yonkers K6s revolver betrof. Wij zagen dat het zes kamerige rondsel van het wapen gevuld was met vijf patronen.

Voor de bijrijdersstoel zagen wij onder meer een zwarte duffle bag met daarop in spiegelbeeld gedrukte merknaam ‘HUGO’. Daarin zagen wij diverse goederen, waaronder een speed loader voor een revolver en een zwart CZ P-10 S handvuurwapen.

Wij zagen dat de voornoemde speed loader voor rondsels met acht patronen was. Wij zagen dat er ook acht patronen in zaten. Wij zagen dat het revolver uit de zwarte Duffle bag een zwart met zilverkleurige Smith & Wesson Springfield MASS 657 mag revolver betrof. Wij zagen dat het rondsel volledig geladen was met acht patronen van hetzelfde type.

Wij zagen op de linker zijkant van het ziIverkleurige uiteinde van de loop van deze revolver, een bloedveeg. Ik, verbalisant, heb dit bloed met een wattenstaafje bemonsterd. Deze DNA bemonstering heb ik voorzien van het SIN: AANQ8226NL.

Wij zagen dat het voornoemde CZ P-10 S pistool uit de zwarte duffle bag was voorzien van een patroonhouder. Wij zagen dat de patroonhouder was gevuld met twaalf patronen. Wij zagen dat deze patronen alle patronen van het kaliber 9x19 betroffen.

De volgende sporen en sporendragers werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld:

Spoornummer : PL1300-2020132392-69412

SIN : AANQ8226NL

Spooromschrijving : Bloed

Plaats veiligstellen : Bemonstering bloedveeg zijkant loopmonding revolver (AANQ8230NL)

Bijzonderheden : uit zwarte Hugo tas in voertuig [kenteken] (het hof begrijpt: [kenteken] )

13 Een geschrift, zijnde een Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek van 24 augustus 2020, opgesteld door dr. P.J. Herbers, NRGD-geregistreerd forensisch DNA-deskundige bij The Maastrich Forensic Institute (…).

Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van dr. P.J. Herbers:

Tabel 1, Ontvangen sporenmateriaal

SIN-nummer Beschrijving item

AANQ8226NL Wattenstaafje bemonstering bloedveeg zijkant loopmonding revolver

Tabel 2, Resultaat van het DNA-onderzoek

Bemonstering
Mogelijke donor van celmateriaal
Bloedveeg zijkant loopmonding revolver
AANQ8226NL
Het DNA-profiel matcht met het DNA-profiel van [betrokkene 1]

Ten aanzien van feit 2:

14 Een proces-verbaal van onderzoek vuurwapen en patroonmagazijn PD [plaats] van 2 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 25 juli 2020 werd een overval cq diefstal met geweld gepleegd op twee gasten van hotel [B] (het hof begrijpt: [B] ). Dit hotel is gevestigd op de [d-straat 1] te Amsterdam. De daders zijn gevlucht. Na een achtervolging werden de inzittenden van een Opel Corsa met kenteken [kenteken] aangehouden. Tijdens deze aanhouding werd in de kleding van een aangehouden verdachte een vuurwapen met munitie aangetroffen en in beslag genomen. Kort voor de aanhouding had deze verdachte een patroonmagazijn met munitie weggegooid. Deze is aangetroffen en in beslag genomen.

Op 1 juli 2020 werd het in beslag genomen vuurwapen, het los aangetroffen patroonmagazijn en de munitie door mij onderzocht.

Uit onderzoek bleek het volgende:

Itemnummer PL 1500-2020184742-2422871 − pistool:

Voorwerp pistool (omgebouwd)

Merk Zoraki

Model M906

Kaliber getransformeerd van 9 mm PAK naar 7.65mm browning (synoniem .32 ACP)

Serienummer 000292

Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer PL 1300-2020184742-2422872 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber 7.65 mm browning (synoniem .32 ACP)

Model projectiel volmantel

Aantal 3

Bijzonderheden uit patroonmagazijn

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer PL 1500-2020132392-5936482 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber 9x 19 mm (synoniem 9 mm luger)

Model projectiel volmantel

Aantal 12

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

15 Een proces-verbaal van onderzoek Vuurwapens uit Opel Corsa, [kenteken] van 2 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 26 juni 2020 werd de in beslag genomen Opel Corsa, voorzien van kenteken [kenteken] doorzocht. Tijdens deze doorzoeking werden onder andere vier vuurwapens inclusief munitie aangetroffen.

Op 26 juni 2020 werden de inbeslaggenomen vuurwapens door mij indicatief onderzocht. Op 2 juli 2020 zijn de vuurwapens door mij nader onderzocht. Uit onderzoek bleek het volgende:

Itemnummer 5935366 − revolver:

Voorwerp revolver

Merk Kimber

Model 6S

Kaliber .357 magnum

Serienummer verwijderd

Bijzonderheden aangetroffen in laptoptas

Deze revolver is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3°, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935370 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber .357 magnum

Model projectiel volmantel

Aantal 5

Bijzonderheden uit revolver van het merk Kimber

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935379 − pistool:

Voorwerp pistool

Merk Glock

Model 17 gen 4

Kaliber 9 x 19mm

Serienummer verwijderd

Bijzonderheden aangetroffen in laptoptas. Voorzien van een uitneembaar patroonmagazijn met een capaciteit voor 17 patronen

Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935381 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber 9 x 19 mm (synoniem 9 mm luger)

Model projectiel volmantel

Aantal 12

Bijzonderheden uit pistool van het merk Glock, model 17

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935389 − revolver:

Voorwerp revolver

Merk Smith & Wesson

Kaliber 357 magnum

Serienummer verwijderd

Bijzonderheden aangetroffen in zwarte Hugo tas

Deze revolver is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935390 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber .357 magnum

Model projectiel volmantel

Aantal 8

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935394 − pistool:

Voorwerp pistool

Merk CZ

Model P-10S

Kaliber 9x 19 mm

Serienummer verwijderd

Bijzonderheden aangetroffen in zwarte Hugo tas. Voorzien van een uitneembaar patroonmagazijn met een capaciteit voor 12 patronen

Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935399 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber 9 x 19 mm (synoniem 9 mm luger)

Model projectiel volmantel

Aantal 12

Bijzonderheden uit pistool van het merk CZ, model P-10S

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

16 Een proces-verbaal van bevindingen van 1 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 26 juni 2020 ben ik, samen met de hulpofficier van justitie en twee andere verbalisanten, de woning binnengetreden aan de [a-straat 1] te [plaats] . De woning werd binnengetreden ter doorzoeking.

In de woning trof ik op een stoel in de woonkamer een wit geldkistje aan. Na het openen van het geldkistje zag ik twee revolvers in het geldkistje liggen met meerdere doosjes munitie. Ik heb, na het maken van een foto, het geldkistje gesloten zodat deze op deugdelijke wijze in beslag genomen kon worden door een wapenexpert.

Vervolgens trof ik op de grond voor een kast in de woonkamer een zwart koffertje aan. Bij het openen van dit koffertje zag ik dat er een zwart vuurwapen in zat. Ik heb, na het maken van een foto, het zwarte koffertje gesloten zodat deze op deugdelijke wijze in beslag genomen kon worden door een wapenexpert.

Hierna trof ik op de kast een kluis aan. Ik zag en voelde dat deze kluis afgesloten was. De kluis is in beslag genomen voor verder onderzoek naar de inhoud.

Op een stoel in de woonkamer trof ik een grijs kistje aan, waarop de tekst Smith & Wesson stond. Bij het openen van het kistje zag ik dat er meerdere patronen in het kistje zaten. Ik heb, na het maken van een foto, het grijze kistje gesloten zodat deze op deugdelijke wijze in beslag genomen kon worden door een wapenexpert.

Ik zag vervolgens dat een andere verbalisant, onder de stoel, een kistje aan trof. Ik zag dat het kistje werd geopend en dat hier een vuurwapen in zat waarvan de slede ontbrak. Hierop is het kistje gesloten zodat deze op deugdelijke wijze in beslag genomen kon worden door een wapenexpert.

Tenslotte trof ik op de eettafel in de woonkamer een doosje munitie aan. Ik heb het doosje munitie in beslag genomen.

17 Een proces-verbaal van onderzoek Vuurwapens uit woning [a-straat 1] [plaats] van 2 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 26 juni 2020 werd een doorzoeking verricht in de woning gelegen aan de [a-straat 1] te [plaats] . Deze woning was in gebruik bij de verdachte [betrokkene 3] .

Tijdens deze doorzoeking werden vuurwapens, inclusief munitie aangetroffen. Op 2 juli 2020 zijn de vuurwapens door mij nader onderzocht. Uit onderzoek bleek het volgende:

Itemnummer 5936492 − revolver:

Voorwerp revolver

Merk Smith & Wesson

Model 60

Kaliber .38 special

Serienummer verwijderd

Deze revolver is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935575 − pistool:

Voorwerp pistool(kast)

Merk CZ

Model P-10

Kaliber 9 x 19 mm

Staat van het vuurwapen:

Dit betreft de kast van een vuurwapen.

Een kast van een vuurwapen is specifiek bestemd en van wezenlijke aard voor een pistool.

Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935577 − pistool:

Voorwerp pistool

Merk Grand Power

Model K100F

Kaliber 9 x 19 mm

Serienummer verwijderd

Dit pistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5938878 - munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber 9 x 19 mm (synoniem 9 mm luger)

Model projectiel volmantel

Aantal 29

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

18 Een proces-verbaal van onderzoek munitie uit woning [a-straat 1] te [plaats] van 23 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 26 juni 2020 werd een doorzoeking verricht in de woning gelegen aan de [a-straat 1] te [plaats] . Deze woning was in gebruik bij de verdachte [betrokkene 3] , geboren op [geboortedatum] -1978 te [plaats] .

Tijdens de doorzoeking werden vuurwapens en munitie aangetroffen.

Op 2 juli 2020 zijn de vuurwapens en bijbehorende munitie door mij nader onderzocht. Van dit onderzoek is door mij afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt.

Tijdens het doorzoeken van de woning werd munitie aangetroffen en inbeslaggenomen. Deze munitie werd onder andere in een wit geldkistje, een wapenkoffertje en los aangetroffen.

Uit onderzoek bleek het volgende:

Itemnummer 5935578 − munitie:

Voorwerp patronen

Merk Magtech

Kaliber .357 magnum

Model projectiel loden flat-nose

Aantal 45 in doosje met opschrift Magtech

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935583 − munitie:

Voorwerp patronen

Bijzonderheden uit wit geldkistje

50 stuks in doosje, merk Sellier &Bellot, kaliber 9 x 19 mm, volmantel rondneus.

27 stuks in tray, 10x merk Winchester, kaliber .38 special, volmantel flat-nose en 17x merk Flocchi, kaliber .38 special, wadcutter.

48 stuks in tray, 17x merk Geco, kaliber 7.65 mm browning, loden projectie, 28x merk Geco kaliber 7.65 mm browning volmantel rondneus, 3x merk Sellier & Bellot, kaliber 7.65 mm browning, volmantel rondneus.

20 stuks in tray, merk Geco, kaliber 9 x 19 mm, volmantel rondneus.

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer 5935588 − munitie:

Voorwerp patronen

Merk Magtech

Kaliber .357 magnum

Model projectiel loden flat-nose

Aantal 5

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

19 Een proces-verbaal van onderzoek vuurwapen uit kluis woning [a-straat 1] te [plaats] van 7 augustus 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 26 juni 2020 werd een doorzoeking verricht in de woning gelegen aan de [a-straat 1] te [plaats] . Deze woning was in gebruik bij de verdachte [betrokkene 3] , geboren op [geboortedatum] -1978 te [plaats] .

Tijdens de doorzoeking werd een afgesloten kluis aangetroffen en in beslag genomen. Tijdens het vervolgonderzoek is de kluis door de recherche geopend. Nadat de kluis was geopend werd onder andere een vuurwapen en munitie aangetroffen en in beslag genomen.

Op 7 augustus 2020 is het vuurwapen en de munitie door mij nader onderzocht.

Uit onderzoek bleek het volgende:

Itemnummer 5951468 − revolver SIN AANQ717NL:

Voorwerp revolver

Merk Smith & Wesson

Model 36-2

Kaliber .38 special

Serienummer verwijderd

Deze revolver is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

20 Een proces-verbaal van vooronderzoek lab van 11 augustus 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Ik heb onderzoek verricht naar sporen aan onderstaande sporendrager.

Sporendrager

SIN AANQ717NL

Object vuurwapen (revolver)

Merk/type Smith & Wesson

Kaliber .38 special

Ik heb de ruwe delen en de loop apart bemonsterd op de mogelijke aanwezigheid van humane biologische gebruikerssporen.

Veiliggestelde sporen

SIN AANL4215NL

Relatie met SIN AANQ7I7NL

Spoortype biologisch

Spooromschrijving epitheel

Wijze veiligstellen wattenstaafje

Plaats veiligstellen ruwe delen

Veiliggestelde sporen

SIN AANL4216NL

Relatie met SIN AANQ717NL

Spoortype biologisch

Spooromschrijving epitheel

Wijze veiligstellen wattenstaafje

Plaats veiligstellen in + voorzijde loop

21 Een geschrift, zijnde een Deskundigenrapportage Forensisch DNA-onderzoek van 2 oktober 2020, opgesteld door dr. P.J. Herbers, NRGD-geregistreerd forensisch DNA-deskundige bij The Maastricht Forensic Institute (…).

Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van dr. P.J. Herbers:

Het DNA-profiel van verdachte [verdachte] (SKN 11451775), geboren op [geboortedatum] 1975, dient vergeleken te worden met de DNA-profielen verkregen van het sporenmateriaal.

Tabel 1 —Ontvangen sporenmateriaal

SIN-nummer
Beschrijving Item
AANL4215N
Wattenstaafje, bemonstering ruwe delen revolver uit kluis
AANL4216N
Wattenstaafje, bemonstering in en voorzijde loop revolver uit de kluis

2 - Resultaat van het DNA-onderzoek

Bemonstering
DNA-profiel
Mogelijke donor van celmateriaal
Ruwe delen revolver uit kluis AANL4215NL
DNA-mengprofiel afkomstig van celmateriaal van minimaal drie donoren, van wie zeker den man*.
Het DNA-mengprofiel is niet geschikt voor vergelijkend DNA-onderzoek in de DNA-databank voor strafzaken, maar is wel geschikt voor vergelijkend DNA-onderzoek met het DNA-profiel van een persoon.
Verdachten [betrokkene 3] en [verdachte] kunnen donor zijn van celmateriaal**.
In en voorzijde loop revolver uit kluis AANL4216NL
DNA-mengprofiel afkomstig van ceImateriaal van minimaal drie donoren, van wie zeker den man*.
Het DNA-mengprofiel is niet geschikt voor vergelijkend DNA-onderzoek in de DNA-databank voor strafzaken, maar is wel geschikt
Verdachten [betrokkene 3] en [verdachte] kunnen donor zijn van celmateriaal**.

*: de aangetoonde DNA-profielen zijn complex vanwege het aantal donoren en/of omdat niet alle DNA-kenmerken aangetoond zijn van al de donoren van celmateriaal in de betreffende bemonstering.

**: een statistische onderbouwing dit mogelijk donorschap is vooralsnog niet uitgevoerd. Zonder statistische onderbouwing kan geen bewijswaarde verbonden worden aan het mogelijke donorschap. Mogelijk dat aanvullend onderzoek nodig is voor een statistische onderbouwing.

Ten aanzien van de feiten 5 en 6:

22 Een proces-verbaal van bevindingen van 16 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Tijdens de doorzoeking van het bedrijfspand aan de [b-straat 1] te [plaats] zijn de navolgende goederen aangetroffen en in beslag genomen.

Kantoorgedeelte eerste verdieping voorzijde:

- automatisch vuurwapen type "Scorpion" op bank;

- geluiddemper t.b.v. Scorpion op bank;

- 8 revolverpatronen kaliber magnum .357 op bank;

- tas geweerpatronen op bank;

- patroonhouder t.b.v. wapen CZevo3A1 op bank;

- automatisch vuurwapen type “Uzi” voorzien van patroonhouder en geluiddemper op de vloer voor de bank.

23 Een proces-verbaal van onderzoek Vuurwapens uit bedrijf [b-straat 1] te [plaats] van 17 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Op 1 juli 2020 werd een onderzoek verricht in het pand aan de [b-straat 1] te [plaats] . Tijdens dit onderzoek werden onder andere een automatisch vuurwapen met geluiddemper, een losse geluiddemper en een tasje met munitie aan.

In dit pand bleek een bedrijf gevestigd te zijn genaamd [A] . De eigenaar van dit bedrijf is de eerder aangehouden [betrokkene 3] , geboren op [geboortedatum] -1978 te [plaats] .

Mede in verband met het aantreffen van het vuurwapen in combinatie met de aangehouden [betrokkene 3] is kort hierop een doorzoeking verricht in het bedrijfspand. Tijdens deze doorzoeking werd onder andere nog een automatisch vuurwapen en een losse patroonmagazijn aangetroffen.

Op 16 juli 2020 zijn de vuurwapens en de munitie door mij nader onderzocht.

Uit het onderzoek bleek mij het volgende:

Itemnummer PL1500-2020190924-2426100 − machine pistool

Voorwerp Machinepistool

Merk FN

Model Uzi model A

Kaliber 9x19mm

Serienummer verwijderd

Bijzonderheden dit machinepistool is voorzien van een patroonmagazijn met een capaciteit van 25 patronen. Verder was dit vuurwapen voorzien van een geluiddemper.

Dit machinepistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 2e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer PL1500-2020190924-2426101 - machine pistool

Voorwerp Machinepistool

Merk Ceska Zbrojovka (CZ)

Model Scorpion EVO 3 A1

Kaliber 9x19mm

Serienummer verwijderd

Dit machinepistool is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 2e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer PL1500-2020190924-2426105 − geluiddemper

Voorwerp geluiddemper

Aantal 1

Kaliber 9mm

Een geluiddemper is een voorwerp als bedoeld in artikel 2 lid 1 onder f van de regeling Wapens en Munitie gelet op artikel 2, lid 1 categorie I onder 3e van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer PL1500-2020190924-2426108 − munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber 7.62x51 mm

Model projectiel volmantel

Aantal 39

Bijzonderheden deze munitie is onder andere geschikt voor een machinegeweer van het merk FAL

Voorwerp patronen

Kaliber 5.56x45 mm

Model projectiel volmantel

Aantal 12

Bijzonderheden deze munitie is onder andere geschikt voor een machinegeweer van het merk Colt AR16

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

Itemnummer PL1500-2020190924-2426110 – munitie:

Voorwerp patronen

Kaliber .357 magnum

Model projectiel loden projectiel

Aantal 8

Deze patronen zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

24 Een proces-verbaal van onderzoek herkenning vuurwapens telefoon [verdachte] van 29 juli 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Na de aanhouding werden in de fouillering van de verdachte [verdachte] werd onder meer een IPhone 11 in beslag genomen. Daarvan werd de data veiliggesteld. Door mij zijn foto’s met vuurwapengelijkende- of gerelateerde voorwerpen nader onderzocht. Uit de foto’s bleek het volgende.

Foto 01BOE180-7E57-4A80-B6A2-EF0266B67F49.jpg:

Op deze foto zijn op vuurwapengelijkende voorwerpen te zien. Deze zijn uitgestald op een houten vloer. Verder zijn daarop patroonmagazijnen, een witte tray voor munitie, doosjes met munitie en een zak met munitie te zien.

Op deze foto herken ik de volgende voorwerpen:

Voorwerp 1 Machinepistool

Merk UZI

Model A1

Kaliber 9x 19mm

Bijzonderheden dit machinepistool is voorzien van klapkolf en een geluiddemper en voorzien van een patroonmagazijn met een capaciteit van 25 patronen.

Dit machinepistool herken ik als het door mij op 17 juli 2020 onderzochte en omschreven machinepistool met itemnummer PL1500-2020190924-2426100. Ik herken dit aan de combinatie van de volgende kenmerken:

- specifieke beschadiging aan de geluiddemper

- vier ronde beschadigingen in het midden van de geluiddemper;

- kras aan de voorzijde van de geluiddemper;

- capaciteit van het patroonmagazijn, namelijk 25.

Voorwerpen 3 - 4 - 5 - 6

Voorwerp Aanvalsgeweren

Merk Colt

Model M16A1

Voorwerp 7

Voorwerp Machinepistool

Merk Agram

Model 2002

Voorwerpen 8 - 9 - 10 - 12 - 13 - 16 - 17

Voorwerpen revolver

Merk Smith & Wesson

Bijzonderheden Deze revolvers zijn allen van het merk Smith & Wesson. Door de geringe detailverschillen is een specifiek model niet met zekerheid te benoemen. Mogelijk betreffen het hier onder andere de modellen 10, 36 en 60.

Voorwerpen 11 - 14 - 15

Voorwerpen revolver

Merk Ruger

Model zeer waarschijnlijk SP101

Voorwerpen A

Voorwerp patroonmagazijnen

Aantal 7

Bijzonderheden Bestemd voor de aanvalsgeweren van het merk Colt model M16 zoals hierboven genoemd

Voorwerp B

Voorwerp patronen

Kaliber .357 magnum

Aantal 4 doosjes

Voorwerpen C

Voorwerp patronen

Aantal 1 zak

Bijzonderheden Mogelijk betreft dit munitie in het kaliber 5,56x45 mm.

Foto 643A7E2A-91A4-441E- 7DF3585B650.jpg:

Op deze foto zijn op vuurwapengelijkende voorwerpen, waaronder machinegeweren en lange afstand precisiewapens, te zien. Verder zijn daarop geluiddempers en munitie te zien. Deze zijn uitgestald op een houten vloer.

Op deze foto herken ik de volgende voorwerpen:

Voorwerpen 18 - 20 - 21 - 22 - 23 - 24

Voorwerp Aanvalsgeweren

Merk Colt

Model M16 A1/M4

Voorwerp 19

Voorwerp Machinegeweer

Merk FN

Model FAL

Voorwerpen 25 - 26

Voorwerp Machinepistolen

Merk HeckIer & Koch

Model MP5K

Voorwerpen 27 t/m 31

De vuurwapengelijkende voorwerpen 27 t/m 31 zijn tevens te zien op foto 6D5E835F-6CA6-40BF-945C-BEE80094E070.jpg. Op deze foto is een man te zien liggend achter een vuurwapengelijkend voorwerp. Deze man werd herkend als de aangehouden verdachte [betrokkene 3] . Verder zijn op de foto vuurwapengelijkende voorwerpen en munitie te zien.

Op deze foto en de foto 643A7E2A-91A4-441E-AOEC-7DF3585B650.jpg herken ik de volgende vuurwapens:

Voorwerp 27

Voorwerp Machinegeweer

Merk FN

Model Minimi

Voorwerp 28

Voorwerp Grendelgeweer

Merk Steyr

Model HS50

Voorwerp 30

Voorwerp Grendelgeweer

Merk Mosin Nagrant

Voorwerp 31

Voorwerp Grendelgeweer

Merk Waffenfabrik Bern

Model K31

Voorwerp E

Voorwerp patronen

Kaliber .45 auto

Aantal 19 doosjes

Voorwerp F

Voorwerp patronen in blik

Kaliber 7.62mm

Aantal 19 doosjes

Voorwerp G

Voorwerp patronen

Kaliber .50

Aantal 2 los naast plastic tas en onbekend aantal in plastic tas

Voorwerp H

Voorwerp patronen in doosjes

Kaliber 7.5x55mm Swiss

Aantal 2 doosjes voor 50 patronen

Voorwerpen M

Voorwerp geluiddempers

Aantal 2

De wapens 1, 3, 4, 5 en 6 zijn vuurwapens in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie II onder 2e van de Wet wapens en munitie.

De revolvers 8 tot en met 17 zijn vuurwapens in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

De grendelgeweren 28, 30 en 31 zijn vuurwapens in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 3e van de Wet wapens en munitie.

De patroonmagazijnen A zijn voorwerpen in de zin van artikel 2 lid 1, categorie II onder 2e van de Wet wapens en munitie, gelet op, artikel 1 onder 3e en artikel 3 lid 1 van de Wet wapens en munitie.

De geluiddempers M zijn voorwerpen in de zin van artikel 2 lid 1 onder f van de Regeling wapens en munitie gelet op artikel 2, lid 1, categorie I onder 3e van de Wet wapens en munitie.

Deze patronen B, C, E, F, G en H zijn munitie in de zin van artikel 1 onder 4e gelet op artikel 2 lid 2, categorie III van de Wet wapens en munitie.

25 Een proces-verbaal van onderzoek herkenning vuurwapens telefoon [verdachte] van 7 augustus 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Na de aanhouding werden in de fouillering van de verdachte [verdachte] werd onder meer een IPhone 11 in beslag genomen. Daarvan werd de data veiliggesteld. Door mij is een afbeelding met vuurwapengelijkende- of gerelateerde voorwerpen nader onderzocht. Uit de foto bleek het volgende.

Op deze foto staat een persoon die is herkend als de verdachte [verdachte] . Op deze foto herken ik onder meer het volgende voorwerp:

Voorwerp 2

Voorwerp revolver

Merk Smith & Wesson

Model 627-5 Performance Center

Deze revolver is een vuurwapen in de zin van artikel 1, onder 3e, gelet op artikel 2 lid 1, categorie III onder 1e van de Wet wapens en munitie.

26 Een proces-verbaal van onderzoek telefoon, herkenning [betrokkene 3] met vuurwapens van 11 augustus 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Foto 01BOE180-7E57-4A80-B6A2-EF0266B67F49.jpg:

Metadata:

creation date: 19-3-2020

Foto 643A7E2A-91A4-441E- 7DF3585B650.jpg:

Metadata:

creation date: 19-3-2020

6D5E835F-6CA6-40BF-945C-BEE80094E070.jpg.

Metadata:

creation date: 20-3-2020

Ten aanzien van de feiten 2, 5 en 6:

27 Een proces-verbaal van onderzoek telefoon, herkenning [betrokkene 3] met vuurwapens van 7 augustus 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar (…).

Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van verbalisant:

Bij de fouillering van de verdachte [verdachte] werd onder meer een Iphone 11 in beslag genomen.

Op 20 juli 2020 werd gestart met het onderzoek van de veiliggestelde data van die telefoon.

Ik scrolde door de video’s en trof daar een aantal video’s aan waarop onder meer meerdere vuurwapens in beeld waren gebracht.

Ik zag dat in de Metadata van de aangetroffen video's stond dat alle aangetroffen video's met daarop onder meer wapens waren gemaakt met een camera van een IPhone XS Max. Ik zag eveneens dat alle video's met daarop onder meer wapens gemaakt waren in het jaar 2020 in een periode van 21 januari 2020 tot en met 3 juni 2020.

Nadere overwegingen

De hiervoor vermelde bewijsmiddelen zijn − ook in hun onderdelen − telkens gebezigd tot het bewijs van het feit, of de feiten, waarop zij blijkens hun inhoud betrekking hebben en, voor zover het een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef, onder 5° van het Wetboek van Strafvordering betreft, telkens slechts gebezigd in verband met de inhoud van de andere bewijsmiddelen.

Het hof constateert dat in de tenlastelegging en de bewezenverklaring van feit 6 na de vermelding van artikel 2, eerste lid, van categorie I, onder 3 de verwijzing naar de Wet wapens en munitie is weggevallen. Het hof leest deze omissie alsnog in de tenlastelegging en bewezenverklaring van feit 6. De bewezenverklaring van feit 6 komt derhalve als volgt te luiden (toevoeging cursief):

6.

hij in de periode van 21 januari 2020 tot en met 1 juli 2020 te [plaats] tezamen en in vereniging met een ander een wapen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van categorie I, onder 3, van de Wet wapens en munitie, te weten twee geluiddempers voor een vuurwapen voorhanden heeft gehad.

Verder heeft het hof bij het uitwerken van deze aanvulling verkort arrest geconstateerd dat er in de bewezenverklaring van feit 2 ten aanzien van de ‘kogelpatronen 9x19mm’ een dubbeltelling heeft plaatsgevonden, waardoor 12 van de 77 ten laste gelegde ‘kogelpatronen 9x 19mm’ ten onrechte bewezen zijn verklaard. Gelet op de overige ten laste gelegde en bewezenverklaarde wapens en munitie doet dit echter niet af aan de bewezenverklaring van het medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III, meermalen gepleegd, en medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd (feit 2).’

7 Inzake de bewezenverklaring heeft het hof verder het volgende overwogen:

‘Bewijsmotivering

Standpunt van de verdediging

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdediging, met uitzondering van een deel van het onder 2 tenlastegelegde, integrale vrijspraak van het aan de verdachte tenlastegelegde bepleit. Met betrekking tot het onder 1 tenlastegelegde is daartoe aangevoerd dat de verdachte weliswaar op de bewuste avond met de medeverdachte in de hotelkamer van de aangevers is geweest, maar dat het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening alsmede het opzet op het gepleegde geweld bij de verdachte heeft ontbroken. De verdediging heeft daarnaast aangevoerd dat de verklaringen van de aangevers − volgens de verdediging het enige bewijs voor het voor diefstal vereiste oogmerk en het opzet op de geweldshandelingen − onbetrouwbaar zijn, gelet op de vele inconsistenties en aantoonbare onwaarheden in die verklaringen. Ten aanzien van de verklaring van [betrokkene 2] komt daarbij dat die verklaring niet voor het bewijs gebruikt kan worden omdat de verdediging niet de gelegenheid heeft gehad die verklaring op betrouwbaarheid te toetsen en er geen compensatoire maatregelen zijn toegepast.

Ten aanzien van het bezit van wapens en munitie voor zover aangetroffen in de woning van de medeverdachte aan de Hartesteeg in [plaats] refereert de verdediging zich aan het oordeel van het hof. Van het overige onder 2, 5, en 6 ten laste gelegde wapen- en munitiebezit dient de verdachte te worden vrijgesproken. Van de wapens die zijn aangetroffen in de Opel Corsa had de verdachte geen weet en bovendien ontbrak de beschikkingsmacht. Dat laatste geldt eveneens voor de wapens en munitie die zijn afgebeeld op foto’s in de telefoon van de verdachte. Ten aanzien van de wapens die zijn aangetroffen in de loods aan de [b-straat 1] in [plaats] geldt dat het DNA-bewijs niet aan de verdachte kan worden tegengeworpen nu het sporenbeeld het scenario van secundaire overdracht niet uitsluit.

Oordeel van het hof

Feit 1 − diefstal met geweld

Met betrekking tot het eerste ten laste gelegde feit stelt het hof voorop dat de rechter in beginsel vrij is in de selectie van het te bezigen bewijs.

In de onderhavige zaak hebben de slachtoffers [betrokkene 2] en [betrokkene 1] direct na het incident in de hotelkamer van het XO [B] Hotel aangifte gedaan. (…)

Uit die verklaringen komt naar voren dat de aangevers op 25 juli 2020 in een hotelkamer in het XO [B] Hotel in Amsterdam verbleven en dat op enig moment op de deur werd gebonkt. Er kwamen drie gewapende mannen naar binnen waarvan er één op [betrokkene 1] sprong, die op dat moment op bed lag. [betrokkene 2] herkende de man als haar ex-vriend, medeverdachte [betrokkene 3] (hierna de medeverdachte). De medeverdachte bedreigde [betrokkene 1] met een wapen en begon hem te slaan met handen en voeten en met het wapen, waardoor [betrokkene 1] een hoofdwond heeft opgelopen. Ook vroeg hij [betrokkene 1] naar het geld. De verdachte (het hof begrijpt: de man die [betrokkene 2] beschrijft als de Spaanse, oudere man) sommeerde de aangevers niet te schreeuwen. [betrokkene 1] verklaarde verder dat één van de andere mannen een wapen gericht hield op hem en [betrokkene 2] en de derde man de hotelkamer doorzocht. De aangevers verklaren beiden dat de mannen een aantal van hun spullen uit de hotelkamer hebben meegenomen. Zoals uit het voorgaande blijkt, worden deze onderdelen van de verklaringen ondersteund door de onderzoekbevindingen betreffende de plaats delict en de Opel Corsa.

De verdachte erkent dat hij op het bewuste moment in de hotelkamer van de aangevers is geweest, maar geef een andere lezing van de toedracht van het gebeurde en ontkent dat hij de aangevers met een wapen heeft bedreigd. Het hof zal die verklaring als ongeloofwaardig terzijde schuiven nu de eerdere verklaring die de verdachte schriftelijk heeft afgelegd, zijn verklaring als getuige bij de rechter-commissaris en de verklaring die hij tijdens de terechtzitting in hoger beroep heeft afgelegd aangaande die toedracht − de redenen waarom hij begin juni 2020 weer vanuit Spanje naar Nederland is gekomen, hetgeen de medeverdachte hem verteld heeft over diens bedoelingen om naar het hotel te gaan waar [betrokkene 2] verbleef en de redenen waarom de verdachte met die [betrokkene 2] wilde spreken − niet steeds overeenkomen en in essentie ook geen ondersteuning vinden in het dossier.

Gelet op het voorgaande acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte, tezamen met de medeverdachte en de onbekend gebleven derde man, de aangevers met geweld van (onder meer) een telefoon heeft beroofd.

Feit 2 − (Vuur)wapenbezit auto en woning

Met de rechtbank overweegt het hof het volgende.

Opel Corsa

Het hof stelt vast dat na de aanhouding van de verdachte en de medeverdachte vuurwapens en munitie zijn gevonden in de Opel Corsa waarmee de verdachte en de medeverdachte, nadat zij in het XO [B] Hotel waren geweest, van Amsterdam naar [plaats] zijn gereden. De verdachte was de bestuurder en de medeverdachte was de bijrijder. De vuurwapens en de munitie bevonden zich op dat moment in de Opel Corsa. De politie heeft de Opel Corsa een stopteken gegeven, maar dit werd genegeerd waarna een wilde achtervolging plaatsvond. Toen de Opel Corsa uiteindelijk tot stilstand kwam in [plaats] , hebben de verdachte en de medeverdachte zich uit de voeten gemaakt. Pas na het lossen van een waarschuwingsschot hebben zij hun vlucht gestaakt, waarna zij door de politie zijn aangehouden. In de Opel Corsa zijn vier wapens aangetroffen, te weten een Kimber 6S, een Glock 17, een Smith & Wesson 627-5 en een CZ P-10S. Een vijfde wapen, een Zoraki M609, is aangetroffen in de broeksband van de medeverdachte.

Op basis van bovengenoemd gedrag, dat aansluitend aan de hiervoor onder 1 omschreven gebeurtenissen in de hotelkamer heeft plaatsgevonden, stelt het hof vast dat de verdachte wist dat de vuurwapens en munitie in de Opel Corsa lagen en dat hij hier ook de beschikkingsmacht over heeft gehad, nu hij samen met de medeverdachte in de auto is gevlucht. Ten aanzien van het vuurwapen dat in de broeksband van de medeverdachte is aangetroffen, merkt het hof het volgende op. De verdachte is samen met de medeverdachte uit de hotelkamer gevlucht, van waaruit zij wapens hebben meegenomen de auto in. Die wapens lagen verspreid: een deel is aangetroffen in een laptoptas, een ander deel in een sporttas en één bevond zich dus in de broeksband van de medeverdachte. Dit laatste maakt gezien de bovengenoemde omstandigheden echter niet dat de verdachte (die de auto bestuurde) daar geen beschikkingsmacht over had. Beide verdachten hebben immers een gewapende overval gepleegd en zijn vervolgens met de wapens op de vlucht geslagen. Zodoende acht het hof ook bewezen dat verdachte de Zoraki M609 samen met de medeverdachte voorhanden heeft gehad. De verdachte heeft zich daarmee samen met de medeverdachte schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van voornoemde vijf vuurwapens en de munitie die in de Opel Corsa is gevonden.

[a-straat 1] in [plaats]

Tijdens een doorzoeking zijn in de woning aan de [a-straat 1] te [plaats] vuurwapens en munitie aangetroffen. In de woonkamer zijn drie vuurwapens gevonden, te weten een Smith & Wesson 60, een pistoolkast van een CZ P-10 en een Grand Power K100F. Daarnaast zijn ook 29 patronen aangetroffen. In een afgesloten kluis in de woning is vervolgens nog een vuurwapen, te weten een Smith & Wesson 36-2, aangetroffen. Uit het DNA-deskundigenrapport van The Maastricht Forensic Institute (TMFI) van 2 oktober 2020 maakt het hof op dat het DNA van de verdachte op een deel van die vuurwapens en munitie is gevonden, waaronder ook op het vuurwapen in de kluis. Ook is op de iPhone 11 van de verdachte een selfie aangetroffen waarop de verdachte met een wapen (en bijbehorende opbergkist) in de woning poseert. De verdachte heeft verklaard dat hij sinds enkele maanden verbleef in de woning van de medeverdachte aan de [a-straat 1] in [plaats] en dat hij daar vuurwapens en munitie heeft gezien en die wel eens heeft verplaatst. Op basis van bovenstaande staat vast dat verdachte niet alleen wetenschap had van de aanwezigheid van de vuurwapens en munitie die in de woning zijn aangetroffen, maar ook dat hij hierover beschikkingsmacht had. Dit geldt temeer nu DNA van de verdachte ook op het wapen in de afgesloten kluis is aangetroffen.

Het hof is dan ook met de rechtbank van oordeel dat de verdachte deze wapens samen met de medeverdachte voorhanden heeft gehad.

Feiten 5 en 6 − Wapenbezit loods en afbeeldingen op telefoon

Op de iPhone 11 van de verdachte zijn foto’s aangetroffen van grote hoeveelheden vuurwapens en munitie. De verdachte heeft verklaard dat hij die foto’s heeft gemaakt en uit het onderzoek van de politie blijkt dat de foto's zijn gemaakt in het kantoorgedeelte van de loods aan de [b-straat 1] in [plaats] die door de medeverdachte werd gehuurd (hierna: de loods). Op één van de foto’s is te zien dat de medeverdachte op de vloer ligt en een automatisch vuurwapen vasthoudt. Op een andere foto is een automatisch vuurwapen van het merk Uzi te zien met daarop een geluidsdemper en daarin een patroonmagazijn met een capaciteit van 25. Tijdens een doorzoeking in de loods zijn automatische vuurwapens (een Uzi inclusief een daarop gemonteerde geluidsdemper en een Scorpion), een andere geluidsdemper en munitie aangetroffen. De Uzi, de Scorpion en de losse geluidsdemper werden aangetroffen respectievelijk vóór en op een zitbankje in hetzelfde kantoorgedeelte van de loods. Het feit dat deze wapens zijn aangetroffen op de grond en op het bankje, alsmede de verklaring van de verdachte zelf dat de wapens van de foto’s na het nemen daarvan, zijn blijven liggen zoals ze op de foto’s lagen, duidt erop dat de wapens niet met zorg achter slot en grendel werden opgeborgen, maar vrijelijk toegankelijk waren. Uit onderzoek naar de foto’s blijkt voorts dat op de voornoemde geluidsdemper specifieke beschadigingen te zien zijn. De beschadigingen en de capaciteit van het patroonmagazijn komen overeen met de Uzi die daadwerkelijk is aangetroffen in de loods. Op basis van deze overeenkomsten gaat het hof ervan uit dat de gevonden Uzi dezelfde is als de Uzi die door de verdachte is gefotografeerd. Bovendien is een deel van de munitie dat op de foto’s staat afgebeeld van een afwijkend kaliber (0.50), dat overeenkomt met munitie die daadwerkelijk in de woning van de medeverdachte aan de [a-straat 1] in [plaats] is aangetroffen, in welke woning de verdachte enkele maanden heeft verbleven.

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte verklaard dat hij regelmatig in voornoemd kantoorgedeelte van de loods kwam om te werken. Daarbij heeft hij naar eigen zeggen regelmatig siësta’s gehouden op het bankje dat daar stond (hetgeen de reden zou zijn dat zijn DNA op de wapens terecht zou zijn gekomen). De verdachte heeft verder verklaard dat hij in de maand februari vaak in de loods kwam, omdat hij toen bezig was aan een opdracht voor een klant. Het hof houdt het ervoor dat de loods vrij toegankelijk was voor de verdachte, dat hij er zelfstandig heen kon en er ook kon verblijven, nu hij ter zitting in eerste aanleg heeft verklaard dat hij kort voor de aanhouding de Opel Corsa uit de loods heeft gehaald en daarmee naar Amsterdam is gereden en hij, als gezegd, over zijn verblijf in de loods heeft verklaard dat hij daar niet alleen in het kantoorgedeelte heeft gewerkt, maar ook siësta’s heeft gehouden op het aldaar aanwezige bankje.

Uit de metadata bij de genoemde foto’s volgt dat de foto’s in mei 2020 zijn gemaakt. Uit het feit dat de foto’s ruim een maand vóór het aantreffen van de wapens in de loods door de politie zijn gemaakt, en dat ze, zoals in het voorgaande is overwogen, vrijelijk toegankelijk waren, leidt het hof af dat de wapens voor de verdachte toegankelijk en beschikbaar zijn geweest. Daarbij komt dat de verdachte op zitting in eerste aanleg heeft verklaard dat hij de loods voor het laatst heeft bezocht kort vóór zijn aanhouding en daarmee ook het moment waarop wapens en toebehoren in de loods werden aangetroffen.

De voornoemde feiten en omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, duiden erop dat de verdachte wist dat al deze vuurwapens en toebehoren zich in de loods bevonden en dat hij er feitelijk over kon beschikken, zodat hij de ten laste gelegde wapens, geluidsdempers en munitie voorhanden heeft gehad.

Nu het hof voor de bewijsvoering geen gebruik maakt van de DNA-rapporten van het TMFI, behoeft het verweer van de verdediging omtrent de mogelijkheid van secundaire overdracht geen bespreking.’

8 Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2023 houdt onder meer het volgende in:

‘De voorzitter geef een samenvatting van de inhoud van de volgende bij het hof ingekomen stukken:

(…)

- een e-mailbericht met bijlagen van de raadsman d.d. 29 augustus 2023.

Deze stukken worden in het dossier gevoegd.

(…)

Op vragen van het hof antwoordt de verdachte als volgt:

Ik verbleef tot mijn aanhouding op 25 juni 2020 enkele maanden in de woning van [betrokkene 3] aan de [a-straat 1] in [plaats] . Daar heb ik vuurwapens en munitie gezien en deze heb ik weleens verplaatst.

[betrokkene 3] is een vriend, we kenden elkaar acht à negen jaar. Hij had mij uitgenodigd bij hem thuis. (…) Opeens was ik er vier maanden lang. (…)

(…) We woonden samen. Je komt bijvoorbeeld aan bij het huis, je begroet elkaar, je raakt elkaar even aan. Er zijn veel gelegenheden waarbij je elkaar aanraakt, Het is heel raar je voor te stellen dat je je vriend niet zou aanraken. We omhelsden elkaar, we gaven elkaar de hand, we speelden samen op de Playstation.

(…)

De raadsman voert het woord aan de hand van een schriftelijke pleitnota. Deze wordt aan het gerechtshof overgelegd. In aanvulling daarop voert de raadsman aan:

- Het sporenbeeld maakt een secundaire transfer niet waarschijnlijk, meent het openbaar ministerie, maar dat ontkennen de deskundigen. Het kan allebei.

- Het hebben van een fascinatie leidt niet tot de conclusie dat de verdachte wapens voorhanden heeft gehad.

- De verdachte ervoer geen druk of angst voor [betrokkene 3] . Hij bevond zich wel in een afhankelijke positie. Hij was afhankelijk voor onderdak, eten en drugs.

- De verdachte heeft consequent verklaard over zijn aanwezigheid in de loods. Hij heeft verklaard dat ze daar tijd hebben doorgebracht en dat hij er regelmatig is geweest.

- Ik verzoek het hof subsidiair de verdachte te schorsen uit de voorlopige hechtenis tot op de dag van de uitspraak.’

9 Het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg van 19 maart 2021 houdt onder meer het volgende in:

‘U, raadsman, vraagt wanneer ik bij benadering voor het laatst in de loods ben geweest. Dat moet zijn geweest toen ik de Opel Corsa voor [betrokkene 3] heb opgehaald. Wij zouden inkopen doen. Dat was kort voor mijn aanhouding, op 23 of 24 juni 2020. Ik ben toen niet in het kantoortje op de eerste verdieping geweest. De laatste keer dat ik in het kantoortje was, was een tijdje daarvoor. Waarschijnlijk in of rond maart 2021. (…)

U, raadsman, houdt voor dat de foto’s zijn aangetroffen op mijn iPhone 11, maar dat veel van het beeldmateriaal niet met die telefoon is gemaakt. U vraagt mij dit toe te lichten. Ik had een iPhone XS. Daarmee heb ik de foto’s gemaakt die door de politie zijn aangetroffen op mijn iPhone 11. De iPhone XS is niet door de politie in beslag genomen. De iPhone XS maakt een beveiligingskopie op mijn iPhone 11. Op die manier zijn de foto’s van de iPhone XS op de iPhone 11 terechtgekomen.

(…)

De raadsman voert het woord tot verdediging. Hij overhandigt daartoe zijn pleitnota aan de rechtbank. Deze pleitnota is aan dit proces-verbaal gehecht en de inhoud ervan geldt als hier ingevoegd.’

Beoordeling van het eerste middel

10 Het eerste middel bevat de klacht dat de ter terechtzitting in hoger beroep door de raadsman overgelegde pleitnota zich niet (meer) bij de stukken bevindt, ten gevolge waarvan het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2023 nietig is.

11 Blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep op 31 augustus 2023 heeft de raadsman van de verdachte daar het woord gevoerd aan de hand van een schriftelijke pleitnota die aan het hof is overgelegd. De steller van het middel heeft zich op het standpunt gesteld dat deze pleitnota zich niet bij de aan Uw Raad gezonden stukken bevindt en heeft op 17 april 2024 de betreffende pleitnota opgevraagd.

12 Abusievelijk is vervolgens diezelfde dag bij het hof niet de pleitnota van 31 augustus 2023 opgevraagd, maar een pleitnota die op 29 augustus 2023 door de raadsman zou zijn overgelegd. Het hof heeft daarop, zo begrijp ik, een e-mail van 29 augustus 2023 van de raadsman van de verdachte aan het hof, met als bijlage behorend bij die e-mail (onder meer) de pleitnota in eerste aanleg, aan de griffie van de Hoge Raad gestuurd.

13 In de toelichting op het middel voert de steller van het middel aan dat de ‘schriftelijke pleitnota’ waarvan in het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2023 melding wordt gemaakt, niet lijkt te zien op de bij e-mail van 29 augustus 2023 aan het hof toegezonden pleitnota uit de eerste aanleg. Navraag bij het advocatenkantoor van de raadsman in hoger beroep heeft een bevestiging opgeleverd van het vermoeden dat er een aparte pleitnota is overgelegd in hoger beroep, aldus de steller van het middel.

14 Nadien is op 1 augustus 2024 bij het hof alsnog de pleitnota opgevraagd die op 31 augustus 2023 door de raadsman is overgelegd. Die pleitnota is vervolgens aan de griffie van de Hoge Raad toegezonden en in het digitaal dossier geplaatst. Op deze pleitnota staat handgeschreven ‘Overgelegd door RM op zitting 31-8’. Aan de steller van het middel is vervolgens een nadere termijn verleend teneinde hem in de gelegenheid te stellen de eerder ingediende schriftuur te wijzigen, aan te vullen dan wel een of meer middelen in te trekken. Die termijn liep tot en met 26 augustus 2024. Van de geboden gelegenheid is geen gebruik gemaakt.

15 Nu de pleitnota die op de terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2023 is overgelegd zich (thans) bij de stukken bevindt, mist het middel feitelijke grondslag, zodat het niet tot cassatie kan leiden .

16 Het middel faalt.

Beoordeling van het tweede middel

17 Het tweede middel bevat de klacht dat hof heeft verzuimd te beslissen op een uitdrukkelijk voorgedragen verweer met betrekking tot de aanwezigheid van een schulduitsluitingsgrond (psychische overmacht). In de toelichting op het middel citeert de steller van het middel uit de hiervoor bedoelde pleitnota die in eerste aanleg is overgelegd. Als Uw Raad zou oordelen dat kan worden vastgesteld dat deze in eerste aanleg voorgedragen pleitnota in hoger beroep wederom uitdrukkelijk is voorgedragen dan zou het onder randnummer 47 van de pleitnota is eerste aanleg naar voren gebrachte volgens de steller van het middel bezwaarlijk anders kunnen worden verstaan als een beroep op psychische overmacht.

18 De pleitnota die in eerste aanleg op de terechtzitting van 19 maart 2021 is overgelegd houdt onder meer het volgende in:

‘Feit 2: voorhanden hebben vuurwapens

(…)

2.1 Bewustheid en beschikkingsmacht
(…)

2.2 Wapens Opel Corsa
41. In de Opel Corsa zijn in totaal vier vuurwapens aangetroffen. Twee daarvan in de laptop tas achter de bestuurder (revolver merk Kimber en pistool merk Glock) en twee in de Hugo Boss-tas die bij de voetenruimte van de bijrijder lag (revolver merk Smith&Wesson en pistool merk CZ). [verdachte] heeft in de hotelkamer drie vuurwapens gezien: een in handen van [betrokkene 2] , een in handen van [betrokkene 3] en een dat hij van tafel heeft gepakt. Twee daarvan heeft hij zeer kortstondig in handen gehad en ze direct aan [betrokkene 3] overhandigd. Welke van de vier wapens dat dan zijn geweest is onduidelijk. Maar dat hij in de hotelkamer bewustheid heeft gehad ten aanzien van deze wapens is een gegeven.
42. Complexer is de vraag naar de beschikkingsmacht. Wat betreft het wapen dat [betrokkene 3] in handen had in de hotelkamer lijkt de conclusie evident dat van enige beschikkingsmacht niet kan worden gesproken. Dat is mogelijk anders voor de twee wapens die hij zelf kort in handen heeft gehad. Maar - en dan grijp ik terug op de bovenstaande door de Hoge Raad geformuleerde uitzonderingssituatie - hij heeft daarvan ook direct afstand genomen door ze aan [betrokkene 3] te overhandigen.
43. Om met PG Silvis te spreken: wat kun je redelijkerwijs vergen van iemand in een bepaalde situatie? [verdachte] ziet zich geconfronteerd met een plotselinge heftige escalatie in een hotelkamer met links en rechts vuurwapens. Hij probeert die situatie te de-escaleren door twee vuurwapens veilig te stellen en deze aan [betrokkene 3] te geven. Was dat de beste keuze op dat moment? Mogelijk niet. Hij had ze misschien beter in de prullenbak kunnen gooien. En nog beter (voor hem althans!) was om rechtsomkeert te maken en het hotel uit te rennen. Maar dat is de koe in de kont kijken. Gegeven de hectiek van het moment denk ik dat hij heeft gedaan wat hij kon doen zonder dat hem van zijn handelen enig strafrechtelijk verwijt kan worden gemaakt.
44. Van het moment in de hotelkamer moet de conclusie luiden dat niet kan worden gezegd dat [verdachte] op dat moment vuurwapens voorhanden heeft gehad. Maar dat neemt niet weg dat (zeer waarschijnlijk) diezelfde wapens zijn aangetroffen in de Opel Corsa en dat [verdachte] daarvan gedurende de rit van Amsterdam-West naar [plaats] de bestuurder is geweest.
45. Voor een bewezenverklaring van voorhanden hebben dient te worden vastgesteld dat [verdachte] gedurende die rit bewust is geweest van die wapens en dat hij daarvan redelijkerwijs afstand kon doen. Bewustheid lijkt alleen te kunnen worden vastgesteld via een voorwaardelijk opzet-redenering. Indien je iemand vuurwapens in handen geeft en diegene korte tijd later met een of meer tassen bij jou in de auto stapt, aanvaard je dan bewust de aanmerkelijke kans dat die vuurwapens bij jou in de auto belanden? Dat lijkt me niet zonneklaar en is ook afhankelijk van wat er tussen verdachten nog gezegd is. Daarover bevat het dossier geen uitsluitsel.
46. Nu niet kan worden vastgesteld dat [verdachte] op de hoogte was van de aanwezigheid van de vuurwapens in de auto dient hij voor het voorhanden hebben van die wapens (de vier eerstgenoemde in de tenlastelegging onder feit 2) om die reden te worden vrijgesproken. Vergelijk de zaak waarin de verdachte werd veroordeeld voor bezit van een wapen dat een vriend die hij ophaalde in een jas (een politiejas!) achterin zijn auto had gelegd. De Hoge Raad casseerde omdat het oordeel dat sprake was van bewustheid onbegrijpelijk was.
Overmacht?
47. Maar zelfs indien wel wetenschap/bewustheid kan worden vastgesteld dient hij te worden vrijgesproken. [betrokkene 3] zit - tegen de wil van [verdachte] - naast hem in auto, met een vuurwapen in zijn handen en gebiedt hem naar [plaats] te rijden. Zuiver beschouwd is sprake van een wederrechtelijke vrijheidsberoving van [verdachte] door [betrokkene 3] . In deze situatie kon in redelijkheid niet van [verdachte] gevergd worden dat hij [betrokkene 3] of diens wapens uit de auto verwijdert. Het betreft feitelijk een overmachtsituatie waaraan [verdachte] enkel door ingrijpen van de politie heeft kunnen ontkomen. Dit geldt uiteraard ook voor het Zoraki M906-pistool (een na laatste in de tenlastelegging) dat [betrokkene 3] in zijn broek droeg bij zijn aanhouding. Niet valt in te zien op welke wijze [verdachte] hiervan beschikkingsmacht kan worden toebedeeld.
Deelconclusie wapens/munitie Opel Corsa
48. Het betreft de vier eerstgenoemde wapens onder feit 2 en het een na laatste wapen (Zoraki in broeksband [betrokkene 3] ). Ik verzoek uw rechtbank [verdachte] vrij te spreken van het voorhanden hebben van deze wapens en munitie, dan wel hem hiervoor te ontslaan van rechtsvervolging nu hem een beroep op overmacht toekomt.
(…)

2.2 Wapens [a-straat 1] – [plaats]
(…)
Feit 5: Voorhanden hebben vuurwapens en munitie loods
(…)

5.1 Wapens – Beeldmateriaal
(…)

5.2 Uzi, model A, en Scorpion merk Ceska Zbrojovska
72. De twee eerstgenoemde wapens onder feit 5. Dit zijn de wapens die op 1 juli 2020 in het kantoor van de loods aan de [b-straat 1] zijn aangetroffen. Het bewijs voor het voorhanden hebben van komt voort uit de bevindingen van het TMFI. En dan in het bijzonder de sporen die zijn aangetroffen op de Scorpion van het merk Ceska Zbrojovka (tweede gedachtenstreepje onder feit 5). Van enkele van deze sporen stelt het TMFI in gewoon Nederlands dat de kans deze afkomstig zijn van [verdachte] groot is. Maar nuance is geboden.
73. [verdachte] ontkent heel stellig de wapens in de loods te hebben aangeraakt en dat lijkt dus moeilijk met elkaar te rijmen. Aan de andere kant is de loods een plek waar hij gedurende een zekere periode veelvuldig is geweest. Zijn DNA zit dan overal in dat pand. En het kan heel goed zo zijn dat die sporen via secundaire overdracht op die scorpion terecht zijn gekomen. Het onderzoek door het TMFI is gedaan op bronniveau, niet op activiteitenniveau. Er hoeft maar een dekentje te hebben gelegen waaronder [verdachte] een middagdutje heeft gedaan waar vervolgens die wapens in hebben gelegen bijvoorbeeld. Of via een handdruk met medeverdachte [betrokkene 3] die daarna de wapens heeft aangeraakt. Verdachten hebben urenlang met en zonder elkaar doorgebracht in de loods, hebben daar veelvuldig cocaïne gesnoven. [verdachte] heeft tijdens zijn verblijf in Nederland kleding van [betrokkene 3] gedragen. Met andere woorden: het DNA van [verdachte] heeft daar zo ongeveer in de rondte gevlogen.
74. Indien op een voorwerp DNA-materiaal wordt aangetroffen dan dient volgens vaste rechtspraak de verdachte met een verklaring te komen voor mogelijke secundaire overdracht, zo oordeelde de Hoge Raad in het door de officier van justitie reeds aangehaalde arrest van vorige jaar (ECLI:NL:HR:2020:1727) en in die lijn recent nog de rechtbank Zeeland-West-Brabant: (…)
75. Verdachte heeft voor het aantreffen van de sporen een plausibele verklaring gegeven. Nadere onderbouwing van die verklaring kan in redelijkheid niet van hem worden gevergd. Dit is een wezenlijk andere situatie dan het meer klassieke geval waarin een DNA-spoor wordt aangetroffen op een locatie waarvan een verdachte stelt daar nooit geweest te zijn en dat spoor dus ook niet kan verklaren. Het wemelde van het DNA-materiaal van [verdachte] in het kantoor, zodat een secundaire overdracht via [betrokkene 3] of via een kledingstuk of ander voorwerp bepaald niet als zuiver hypothetisch moet worden beschouwd.
76. Ondersteuning voor de stelling van [verdachte] kan wat mij betreft worden gevonden in de bevindingen van het TMFI van 23 juli 2020. Uit Tabel 2 - Resultaat van het DNA-onderzoek volgt dat ten aanzien van zowel de ruwe delen als de trekker van de Scorpion sprake is van een mengprofiel met celmateriaal van minimaal 3 donoren. Wat betreft
- de ruwe delen Scorpion (AAMR3724NL) Verdachten [betrokkene 3] en [verdachte] kunnen donor zijn van celmateriaal. Het betreft dan een relatief geringe hoeveelheid celmateriaal van verdachte [verdachte] . (NB geen statistische onderbouwing en dus geen bewijswaarde!)
- de trekker Scorpion (AAMR3725NL) Het DNA-hoofdprofiel matcht met het DNA-profiel van [betrokkene 3] . Verdachte [verdachte] kan donor zijn van een relatief gering hoeveelheid celmateriaal. (NB ook hier geen bewijswaarde)
77. Op grond van deze bevindingen is de basis om het scenario van een secundaire transfer van tafel te vegen op de wijze zoals de officier van justitie heeft gedaan wel heel wankel.
78. Daar leek forensisch adviseur [forensisch adviseur] het mee eens. Of anders gezegd, op basis van het beschikbare materiaal komt [forensisch adviseur] tot de conclusie dat dat scenario niet kan worden uitgesloten. Zie de beantwoording en vraagstelling in het rapport van Forensicon van 4 februari 2021.
Uitgaande van de verkregen informatie en de juistheid van de verklaringen van verdachte is een secundaire overdracht van celmateriaal afkomstig van verdachte op de sporendragers niet uit te sluiten.
79. De officier van justitie heeft helaas de strekking van het rapport niet begrepen of niet willen begrijpen. [forensisch adviseur] geeft aan meer informatie nodig te hebben om bewijskrachtberekeningen uit te voeren en informatie op activiteitsniveau te kunnen beantwoorden. Indien het rapport zou zijn voorgelegd aan het TMFI dan had die nadere informatie wellicht per omgaande kunnen worden aangeleverd. En dan zou middels nadere rapportage uw rechtbank voorgelicht hebben kunnen worden over de vraag naar de waarschijnlijkheid van de door [verdachte] gestelde secundaire overdracht.
80. Ik heb uit de schriftelijke reactie van de officier van justitie van 5 maart 2021 ook afgeleid dat hij vindt − en dan vertaal ik het maar even in heel geheel eigen woorden − dat we zitten te neuzelen op een ondergeschikt onderdeel. Ten onrechte. Alle wapens genoemd onder feit 5 kunnen niet zomaar op een hoop worden gegooid. Het gaat enerzijds om wapens die enkel aanwezig kunnen worden geacht op basis van beeldmateriaal afkomstig van verdachten. Anderzijds zijn er twee wapens aangetroffen waarvan cliënt stelt deze nooit te hebben aangeraakt maar waarvan het TMFI stelt dat het (zeer) waarschijnlijk is dat [verdachte] ze heeft aangeraakt.
81. Dat is het verschil tussen iemand die een keer getuige is geweest van een − indrukwekkende − wapenvoorraad en daar wat foto's van heeft gemaakt en iemand die inderdaad veel dieper is verwikkeld in de handel in vuurwapens en daar, zoals tenlastegelegd onder 5, een beroep of gewoonte van heeft gemaakt. Dat laatste is pertinent niet het geval en dat verschil is in de beeldvorming over de persoon van [verdachte] en daarmee voor de strafmaat van grote relevantie. Bovendien: waarom zou [verdachte] het aanraken van de wapens in het hotel in de [a-straat 1] toegeven en dan juist bij deze twee wapens zo hardnekkig ontkennen? De enige logische verklaring is omdat het zo is.

De tekst gaat verder: De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken

Verbonden uitspraken