Conclusie A-G Hofstee 21 februari 2023, ECLI:NL:PHR:2023:199

Conclusie AG. Veroordeling notaris voor medeplegen bedrieglijke bankbreuk (art. 341 (oud) Sr) en tweemaal valsheid in geschrift (art. 225 jo. 226 Sr). Eerste middel behelst de klacht dat de bestreden uitspraak nietig is, omdat enkele dossierstukken die tot het bewijs zijn gebezigd in ongerede zouden zijn geraakt. AG meent dat de bewezenverklaring, gezien de aanvulling met wettige bewijsmiddelen en nadere bewijsoverweging van hof, voldoende met redenen is omkleed en naar behoren in cassatie kan worden getoetst. Het tweede middel richt zich met een bewijsklacht tegen de bewezenverklaring van bedrieglijke bankbreuk (opzet ter bedrieglijke verkorting en medeplegen). Het derde middel klaagt over ’s hofs oordeel over de valsheid van een hypotheekakte en de valsheid van een leveringsakte. Beide middelen falen volgens de AG. Het vierde middel, met uiteenlopende deelklachten over schending van verdedigingsrechten ex art. 6 EVRM, slaagt enkel t.a.v overschrijving inzendtermijn in cassatie. Conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend w.b. duur opgelegde gevangenisstraf, en tot verwerping van het beroep voor het overige.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken