Conclusie A-G Knigge 27 augustus 2019, ECLI:NL:PHR:2019:832

Conclusie A-G. Beslag en beklag. Nadat het hof bij onherroepelijke uitspraak de bewaring van een op de voet van art. 94 Sv inbeslaggenomen geldbedrag heeft gelast, klaagt een ander dan de beslagene over het uitblijven van een last tot teruggave aan haar. Het toepasselijke criterium is in dit geval of de klaagster redelijkerwijs als rechthebbende moet worden aangemerkt (HR 18 december 2018, ECLI:NL:HR:2018:2333). De A-G bespreekt de vraag hoe zwaar in gevallen als de onderhavige de bewijslast mag zijn die op de schouders van de klager wordt gelegd om aannemelijk te maken dat hij of zij de rechthebbende is. Hij wijst er daarbij op dat het stellen van hoge eisen op dit punt er gemakkelijk toe kan leiden dat de bewaring ten behoeve van de rechthebbende ontaardt in een verkapte confiscatie. Het een en ander breng de A-G tot het standpunt dat de ongegrondverklaring van het beklag van de klaagster niet zonder meer begrijpelijk is en dat de Hoge Raad de bestreden beschikking daarom moet vernietigen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken