Conclusie A-G Aben 9 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:410

Periodieke herbeoordeling van een levenslange gevangenisstraf ex art. 1:30 Sr Curaçao; art. 14.5 IVBPR, art. 3 EVRM. Antilliaanse zaak. De verdachte is, o.a. wegens de moord op de Curaçaose politicus H. Wiels, veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Art. 1:30 Sr Curaçao voorziet in een periodieke herbeoordeling van de levenslange gevangenisstraf door de rechter. Aan de toepassing van die regeling staat – ook indien die straf in Nederland ten uitvoer wordt gelegd – niet in de weg de Onderlinge regeling ex art. 38.1 Statuut regelende de samenwerking tussen Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland op het gebied van de overdracht van personen aan wie rechtens hun vrijheid is ontnomen op grond van een veroordeling tot een vrijheidsstraf. De omstandigheid dat geen rechtsmiddel openstaat tegen de beslissing van het hof inzake de periodieke herbeoordeling ex art. 1:30.7 Sr Curaçao doet niet af aan de verbindendheid van art. 1:30. De beslissing van het hof inzake de periodieke beoordeling ex art. 1:30.7 is geen beslissing als bedoeld in art. 14.5 IVBPR. Art. 14.5 IVBPR houdt niet een voor rechtstreekse toepassing door de rechter vatbaar voorschrift in waarbij aan de rechterlijke macht der onderscheiden verdragsstaten een grotere rechtsmacht wordt verleend dan de nationale wet haar toekent. Voor de eisen die art. 3 EVRM stelt aan de tenuitvoerlegging van een levenslange gevangenisstraf verwijst de HR naar ECLI:NL:HR:2016:1325.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken