Conclusie A-G Spier 27 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BP9991
Arbeidsrecht/Procesrecht. Vordering tot vergoeding op de voet van art. 7:611 en 7:658 BW tot vergoeding van als gevolg van discriminatie geleden schade. Aanbod aanvullend bewijs te leveren op ontoereikende gronden gepasseerd. Hoger beroep kan dienen om eigen fouten en vergissingen te herstellen. Het kan ook dienen om aanvullend bewijs te leveren als de eerste rechter het reeds bijgebrachte bewijs onvoldoende zwaarwegend heeft geacht. Van appellant die bij memorie van grieven nader bewijs aanbiedt, daarbij gebruikmakend van de gelegenheid tot verbetering of aanvulling van hetgeen hij in eerste aanleg heeft gedaan of nagelaten, kan in beginsel niet worden gevergd dat hij een rechtvaardiging geeft van zijn eerdere verzuim (vgl. HR 1 maart 2002, NJ 2003/355). Te hoge eisen aan (specificatie van) bewijsaanbod.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 149 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 150 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 164 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 176 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 177 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 353 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 407 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 6:98 BW6
- Artikel 7:611 BW7
- Artikel 7:646 BW7
- Artikel 7:658 BW7
- Artikel 1a AWGB
- Artikel 5 AWGB
- Artikel 10 AWGB