Conclusie A-G Hofstee 17 mei 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BN7749
Beklag ex art. 552a Sv. Art. 23.3 Sv (bijstand raadsman). De Hoge Raad herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BO1633 ten aanzien van de vraag door wie een procesdeelnemer zich bij de behandeling in raadkamer kan doen bijstaan of vertegenwoordigen. Door X in de raadkamer te laten vertegenwoordigen door Y, van wie niet blijkt dat hij een raadsman of advocaat is, heeft het Hof hetgeen in vorenstaand arrest is overwogen miskend, zodat het onderzoek in raadkamer aan nietigheid lijdt en de bestreden beschikking niet in stand kan blijven.
De uitspraak op rechtspraak.nl