Conclusie A-G Strikwerda 28 november 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BF1886
Internationaal privaatrecht. Tenuitvoerlegging Duitse rechterlijke beslissing in internationale wegvervoerzaak; verenigbaarheid met in Nederland gewezen vonnis; prejudiciële vragen over de uitleg van art. 34, aanhef en onder 3, EEX-Verordening; art. 31 lid 2 CMR bevat geen gronden voor de weigering van een verzoek tot uitvoerbaarverklaring.
De uitspraak op rechtspraak.nl