Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba) 31 januari 1995, ECLI:NL:ORBBNAA:1995:BU4881
Loonbelasting / Artikel 6 eerste lid LLB / Belastingjaar 1993 Tussen fund raiser en de tot een optredend gezelschap behorende artiesten bestaat een dienstbetrekking. Het eventuele ontbreken van een gezagsverhouding doet hieraan niet af. Een vergoeding, voor zover die kan worden geacht te strekken tot bestrijding van de door de werknemer te maken aftrekbare kosten levert geen voordeel op en behoort deze dus niet tot het loon. De inhoudingsplichtige dient te bewijzen dat een aan de werknemer verstrekte vergoeding voor kosten geen bevoordeling inhoudt en derhalve geen loon vormt. Voor een artiest zullen de kosten van het vervoer naar de plaats van het optreden en, indien de reisafstand zulks meebrengt, accommodatie aldaar tot de aftrekbare kosten behoren. De geldswaarde dient te worden gesteld op de besparing, nu het betreft in natura genoten voordelen welke niet te gelden gemaakt kunnen worden. Indien de besparing nihil is, kan ter zake van dit loon geen belasting geheven worden.