HR 24 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:989
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op partij voorwerpen onder klaagster t.z.v. verdenking van valsheid in geschrift, voorbereiding van handel in schadelijke waren en/of overtreding van art. 18 Warenwet. Ontvankelijkheid klaagschrift, art. 134.2.c jo. 117 Sv. O.b.v. door HR ingewonnen inlichtingen moet ervan worden uitgegaan dat inbeslaggenomen voorwerpen in november 2021 zijn vernietigd met machtiging van OvJ van 2-11-2021 a.b.i. art. 117 Sv. Hieruit volgt dat beslag al was beëindigd op moment van beslissing op klaagschrift. Dat brengt mee dat Rb klaagster in haar klaagschrift n-o had moeten verklaren. HR doet wat Rb had behoren te doen en verklaart klaagschrift alsnog n-o. CAG: anders. Samenhang met 23/01638 B en 24/01015 B en met 23/02666 B en 24/01159 B (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, betrokkene n-o).
De uitspraak op rechtspraak.nl