HR 20 mei 2025, ECLI:NL:HR:2025:772

Verzoekschrift tot regeling van rechtsgebied, art. 526.1 Sv. Verzoek berust op stelling dat sprake is van geschil over rechtsmacht a.b.i. art. 525.1.1 Sv, omdat verzoeker bij Rb Limburg en hof ’s-Hertogenbosch gelijktijdig voor ‘dezelfde zaak’ wordt vervolgd. Daartoe wordt i.h.b. aangevoerd dat in beide zaken identificatie van verzoeker als gebruiker van 3 accounts van SkyECC als bewijsmiddel centraal staat. Art. 525.1.1 Sv beoogt om tegenstrijdige uitspraken en dubbele bestraffing van verdachte te voorkomen. Deze bepaling moet worden bezien in het licht van art. 68 Sr. Regeling waarvan zij deel uitmaakt, heeft dus als doel om in zo vroeg mogelijk stadium van verschillende vervolgingen tegen een en dezelfde verdachte, tegen te gaan dat zich situatie voordoet a.b.i. art. 68.1 Sr. Die regeling is in belang van zowel verdachte als van doelmatige rechtspleging (vgl. HR:1999:ZD1575). Gelet hierop komt aan begrip ‘dezelfde zaak’ a.b.i. art. 525.1.1 Sv dezelfde betekenis toe als aan ‘hetzelfde feit’ a.b.i. art. 68 Sr. HR herhaalt vervolgens relevante overwegingen uit HR:2011:BM9102 t.a.v. beoordelingskader m.b.t. ‘hetzelfde feit’ a.b.i. art. 68 Sr. Tussen de in zaak met parketnummer 03/243471-21 (bij Rb) tlgd. gedragingen van verzoeker en in zaak met parketnummer 20/000712-24 (bij hof) tlgd. gedragingen van verzoeker bestaat aanzienlijk verschil, waardoor niet gesproken kan worden van ‘dezelfde zaak’ a.b.i. art. 525.1.1 Sv. Hieruit volgt dat zich niet in art. 525.1.1 Sv bedoelde situatie voordoet dat 2 rechters zich dezelfde zaak gelijktijdig hebben aangetrokken. Dat wordt niet anders door omstandigheid dat in beide zaken dezelfde p-v’s van bevindingen over identificatie van gebruiker van 3 accounts van SkyECC bij processtukken zijn gevoegd. Het is immers niet uitgesloten dat mede o.g.v. die stukken kan worden vastgesteld dat verzoeker betrokken is geweest bij meerdere, uiteenlopende, strafbare feiten. V.zv. namens verzoeker beroep is gedaan op schending van onschuldpresumptie in zaak die aanhangig is bij Rb, is tot slot van belang dat dit beroep geen betrekking heeft op vraag of 2 rechters zich dezelfde zaak gelijktijdig hebben aangetrokken. Aan dat beroep moet daarom worden voorbijgegaan. Volgt afwijzing verzoek.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken