HR 26 augustus 2025, ECLI:NL:HR:2025:1207

Deelname aan terroristische organisatie, art. 140a.1 Sr. 1. Verzoek in Borgersbrief. Raadsman heeft (na het verstrijken van de in art. 437.2 Sv bedoelde termijn) verzoek gedaan tot aanhouding van zaak. 2. Kunnen klachten over ’s hofs afwijzing van verzoek tot horen van getuigen en bewezenverklaring worden aangemerkt als middelen a.b.i. wet? 3. Redelijke termijn (inzendtermijn) in cassatie. Ad 1. Er bestaat geen grond voor toewijzing van verzoek. Ad 2. Als cassatierechter onderzoekt HR alleen middelen a.b.i. wet. Alleen stellige en duidelijke klacht over schending van bepaalde rechtsregel en/of verzuim van toepasselijk vormvoorschrift door rechter die bestreden uitspraak heeft gewezen kan als zo’n middel worden aangemerkt. Als cassatiemiddelen I en II aangeduide klachten voldoen niet aan dit vereiste, zodat deze onbesproken moeten blijven. Ad 3. Schriftuur klaagt verder enkel over redelijke termijn in cassatie. Art. 80a RO, verdachte n-o.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen