HR 9 juli 2024, ECLI:NL:HR:2024:995

Medeplegen poging woningoverval (art. 312.2.2 Sr). Vordering benadeelde partij t.z.v. immateriële schade. Is sprake van aantasting in persoon ‘op andere wijze’ a.b.i. art. 6:106.b BW? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2019:793 m.b.t. aantasting in persoon ‘op andere wijze’. Oordeel hof dat bijzondere ernst van misdrijf, mede gelet op omstandigheden waaronder het is gepleegd in samenhang met toelichting van schade, maakt dat “geestelijk letsel voldoende is komen vast te staan”, is niet z.m. meer begrijpelijk. Dat aan deur van b.p. en zijn gezin onder door hof vastgestelde omstandigheden is gedreigd met geweld, volstaat daartoe (zonder nadere vaststellingen over aard van dit door b.p. gestelde “geestelijke letsel”) niet. Volgt (partiële) vernietiging t.a.v. vordering b.p. en oplegging schadevergoedingsmaatregel en terugwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken