HR 15 oktober 2024, ECLI:NL:HR:2024:1453
Grootschalige DigiD-fraude met huur- en/of zorgtoeslagen. Medeplegen diefstal (d.m.v. valse sleutels), meermalen gepleegd (art. 311.1 Sr), medeplegen oplichting, meermalen gepleegd (art. 326.1 Sr), medeplegen valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (art. 225.1 Sr), medeplegen gewoontewitwassen van geldbedragen (art. 420ter.1 jo. 420bis.1.b Sr) en deelneming aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr). Overschrijding redelijke termijn in eerste aanleg en in hoger beroep. Kon hof volstaan met vermindering van gevangenisstraf van 16 maanden naar 14 maanden? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2008:BD2578 m.b.t. beoordelingskader overschrijding redelijke termijn en regel dat tijdsverloop tijdens e.a. en h.b. afzonderlijk beoordeeld moet worden. Door bij beoordeling van vraag of behandeling van zaak binnen redelijke termijn heeft plaatsgevonden, alleen acht te slaan op omstandigheid dat “overschrijding van redelijke termijn in fase van behandeling van strafzaak in eerste aanleg en in hoger beroep (…) inmiddels ruim drie jaren en negen maanden bedraagt”, heeft hof dit beoordelingskader miskend. HR doet zaak zelf af en vermindert (mede gelet op overschrijding van redelijke termijn in cassatie) opgelegde gevangenisstraf van 14 maanden met 1 maand. Samenhang met 21/05025.
De uitspraak op rechtspraak.nl