HR 5 april 2022, ECLI:NL:HR:2022:403
Medeplegen diefstal met braak (art. 311.1 Sr). Vordering benadeelde partij (winkelbedrijf) m.b.t. gestolen maar teruggevonden en vervolgens door politie teruggegeven en beschadigde parfumflessen. 1. Begrijpelijkheid overweging hof dat onweersproken is dat flessen geen restwaarde hadden. 2. Rechtstreekse schade terwijl schade mede gevolg is van handelen politie. Ad 1. Hof is kennelijk ervan uitgegaan dat verpakkingen van gestolen flessen parfum onbeschadigd waren toen flessen door de politie zijn teruggevonden. Hof heeft verder als vaststaand aangenomen dat die flessen na teruggave aan b.p. onverkoopbaar waren geworden doordat door handelen van politie verpakkingen zijn komen te ontbreken of waren voorzien van stickers van de politie. Dat oordeel is toereikend gemotiveerd. Hof heeft verder vastgesteld dat aldus teruggegeven flessen geen restwaarde hadden. Met overweging dat “dit op zichzelf onweersproken (is) gebleven” heeft hof (niet onbegrijpelijk) tot uitdrukking gebracht dat door raadsman niet is aangevoerd dat, ondanks dat de flessen onverkoopbaar waren, zij niettemin restwaarde hadden. ‘s Hofs oordeel is toereikend gemotiveerd. Ad 2. Hof heeft geoordeeld dat de schade m.b.t. deze flessen parfum kan worden aangemerkt als rechtstreekse schade a.b.i. art. 51f.1 Sv, waarbij hof heeft overwogen dat schade “in de eerste plaats” door bewezenverklaard handelen van verdachte is veroorzaakt. Dit oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Daaraan doet niet af dat schade mede het gevolg is van handelen van politie i.h.k.v. strafrechtelijk onderzoek naar bewezenverklaarde feiten (vgl. HR:2018:2335). Volgt verwerping. CAG anders.
De uitspraak op rechtspraak.nl