HR 13 december 2022, ECLI:NL:HR:2022:1856

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. rijden onder invloed (art. 8.3 en 8.4 WVW 1994) en rijden zonder rijbewijs (art. 107.1 WVW 1994). Dubbel verstek. Aanwezigheidsrecht, art. 36g.1.c Sv. Had afschrift van dagvaarding in hoger beroep moeten worden verzonden naar het in akte h.b. opgegeven adres? Vermelding van adres in akte h.b. kan niet anders worden begrepen dan als opgave van adres in de zin van art. 36g.1.c Sv, waaraan mededelingen over strafzaak kunnen worden toegezonden. Uit de stukken kan niet blijken dat een afschrift van de dagvaarding voor tz. in h.b. is verzonden aan het in de akte h.b. vermelde adres, zodat ervan moet worden uitgegaan dat dit niet is gebeurd. Evenmin houden de stukken iets in waaruit kan volgen dat die verzending ex art. 36g.3 Sv achterwege kon blijven. Niet blijkt dat hof heeft onderzocht of er reden was het onderzoek op de tz. te schorsen om verdachte in de gelegenheid te stellen alsnog bij het onderzoek op de tz. tegenwoordig te zijn (vgl. HR:2012:BX4736). Volgt vernietiging en verwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken