HR 22 februari 2022, ECLI:NL:HR:2022:177

Invoer MDMA, art. 2.A Opiumwet. Afwijzing van bij appelschriftuur gedaan, op tz. in hoger beroep gehandhaafd en op nadere tz. in h.b. herhaald verzoek tot horen van 2 getuigen op de grond dat onvoldoende is onderbouwd waarom horen van deze personen van belang is voor enige te nemen beslissing o.g.v. art. 348 en 350 Sv. Is kader uit post-Keskin van toepassing als voor het bewijs gebruik wordt gemaakt van WhatsApp-gesprekken tussen verdachte en door verdediging verzochte getuigen? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2017:1015 m.b.t. motiveringsplicht voor verdediging bij een tot zittingsrechter gericht getuigenverzoek en uit HR:2021:576 (post-Keskin) m.b.t. bijstelling van eisen m.b.t. onderbouwing van getuigenverzoeken als het gaat om getuigen t.a.v. wie verdediging het ondervragingsrecht nog niet heeft kunnen uitoefenen, terwijl deze getuigen al (in het vooronderzoek of anderszins) een verklaring hebben afgelegd met een belastende strekking. Verdediging heeft verzocht om A en B als getuigen op te roepen en te horen. Dat verzoek heeft betrekking op personen die hebben deelgenomen aan met verdachte gevoerde WhatsApp-gesprekken, waarvan een weergave is opgenomen in de door hof gebruikte bewijsmiddelen. De uitlatingen van deze personen kunnen niet worden aangemerkt als een buiten de aanwezigheid van verdediging afgelegde getuigenverklaring, waarvoor zou gelden dat geen nadere onderbouwing van het belang bij het oproepen en horen van betreffende persoon mag worden verlangd. Hof heeft daarom bij beoordeling van verzoeken terecht tot uitgangspunt genomen dat het belang van verdediging bij het oproepen en horen van deelnemers van die WhatsApp-gesprekken niet zonder nadere motivering kon worden aangenomen. ‘s Hofs afwijzing van verzoeken tot het horen van A en B als getuigen op de grond dat onvoldoende is onderbouwd waarom het horen van deze personen van belang is voor enige te nemen beslissing o.g.v. art. 348 en 350 Sv en op de grond dat, v.zv. het gaat om getuige A, het horen niet noodzakelijk is, is daarnaast (gelet op onderbouwingen van verzoeken) niet onbegrijpelijk. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken