HR 29 juni 2021, ECLI:NL:HR:2021:989
Vordering tul en oplegging vervangende hechtenis die duur van niet tenuitvoergelegde vrijheidsstraf overstijgt, art. 14g (oud) en 22d Sr. Hof zet eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraffen van 3 dagen en 1 week om in taakstraffen van 12 uren en 30 uren en bepaalt daarbij vervangende hechtenis op 6 dagen en 15 dagen. De door hof bevolen vervangende hechtenis overstijgt duur van eerder niet tenuitvoergelegde vrijheidsstraf, hetgeen rechter niet vrij staat (vgl. HR:2018:834). HR vermindert zelf duur van vervangende hechtenis en merkt op dat een dergelijke onmiddellijk kenbare fout zich bij voorkeur leent voor het wijzen van een herstelarrest door rechter die op de zaak heeft gezeten (vgl. HR:2010:BJ7243 en HR:2012:BW1478). Samenhang met 19/02987 en 19/02994.
De uitspraak op rechtspraak.nl