HR 19 januari 2021, ECLI:NL:HR:2021:82
Deelname aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr) en (medeplegen/medeplichtigheid/poging tot) gekwalificeerde diefstal (art. 311.1 Sr). Verdachte en medeverdachten zijn in een bepaalde wijk in Den Haag lange tijd door politie in de gaten gehouden vanwege verdenking van plegen van woninginbraken. 1. Is sprake van stelselmatige observatie a.b.i. art. 126g Sv door ‘intensieve surveillance’ van criminele jeugdgroep op ‘hotspots’ in openbare ruimte gedurende ongeveer 1 jaar of volstaat algemene taakomschrijving politie a.b.i. art. 3 Politiewet 2012 en art. 141 Sv als grondslag? 2. Omzetting vervangende hechtenis in gijzeling bij schadevergoedingsmaatregel, art. 36f Sr. Ad 1. Klacht over ‘s hofs oordeel dat art. 3 Politiewet 2012 en art. 141 Sv toereikende grondslag bieden voor observaties leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in ECLI:NL:HR:2021:80. Ad 2. HR bepaalt dat met toepassing van art. 6:4:20 Sv telkens gijzeling van gelijke duur kan worden toegepast. Samenhang met 19/02582, 19/02643, 19/02645 en 19/02673.
De uitspraak op rechtspraak.nl