HR 19 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:902

Diefstal (art. 310 Sr) en verduistering, meermalen gepleegd (art. 321 Sr). Aanhoudingsverzoek gemachtigde raadsman ttz. op de grond dat verdachte is geopereerd en aan het revalideren is in Berlijn, door hof afgewezen omdat verzoek onvoldoende is onderbouwd. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2018:1934, inhoudende dat aanhoudingsverzoek kan worden gedaan door verdachte of gemachtigde raadsman (met het oog op effectuering aanwezigheidsrecht), dat rechter (als geval dat aan verzoek ten grondslag gelegde omstandigheid niet aannemelijk is zich niet voordoet) belangenafweging dient te maken tussen aanwezigheidsrecht verdachte en belang bij doeltreffende en spoedige berechting en dat rechter i.g.v. afwijzing van verzoek in motivering van zijn beslissing blijk dient te geven van deze belangenafweging en m.b.t. toetsingskader i.g.v. aanhoudingsverzoek wegens ziekte van verdachte. Hof heeft verzoek tot aanhouding van onderzoek ttz., v.zv. daaraan ten grondslag is gelegd dat verdachte wegens ziekte is verhinderd ttz. aanwezig te zijn, afgewezen op enkele grond dat verzoek onvoldoende is onderbouwd. Hof heeft echter niet geoordeeld dat die aan verzoek ten grondslag gelegde omstandigheid niet aannemelijk is. Hof heeft evenmin blijk gegeven van afweging van belangen als hiervoor zijn vermeld. Nu hof dit heeft nagelaten, heeft het zijn beslissing niet toereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging en terugwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken