HR 23 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1077

Uitkeringsfraude. Nalaten gegevens te verstrekken door aan UWV niet te melden dat zij niet in loondienst was bij failliet verklaard bedrijf (art. 227b Sr) en valsheid in geschrift door bij aanvraag WW-uitkeringen gebruik te maken van valse arbeidsovereenkomst en valse salarisspecificaties (art. 225.2 Sr). Heeft hof in strijd met art. 359.2 Sv verzuimd gemotiveerd te beslissen op uos m.b.t. overschrijding redelijke termijn in e.a.? HR: Op redenen vermeld in CAG zijn middelen terecht voorgesteld. CAG: Uit strafmotivering blijkt dat hof, ondanks door verdediging gevoerd verweer, geen overweging heeft gewijd aan overschrijding van redelijke termijn in e.a.. In het licht daarvan is beslissing op verweer dat redelijke termijn (zowel in e.a. als in h.b.) is overschreden ontoereikend gemotiveerd. Ook inzendtermijn in cassatiefase is overschreden. HR doet zaak zelf af en volstaat, gelet op opgelegde taakstraf van 80 uren en mate waarin redelijke termijn is overschreden, met oordeel dat redelijke termijn is overschreden. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen