HR 3 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:494

Gewelddadige overval op echtpaar in woning in Amstelveen waarbij sieraden en kunstvoorwerpen zijn buitgemaakt. 1. Medeplegen van woningoverval. 2. Medeplegen van poging witwassen van de uit de overval verkregen buit. Toetsingskader: HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:3474, ECLI:NL:HR:2015:718 en ECLI:NL:HR:2016:1316 m.b.t. motiveringsplicht voor rechter indien medeplegen niet bestaat uit gezamenlijke uitvoering. Ad 1. Falende bewijsklacht medeplegen overval, mede in aanmerking dat uit ’s Hofs vaststellingen volgt dat verdachte door mededader A was gevraagd om de woningoverval te plegen teneinde waardevolle voorwerpen en geld te ontvreemden, dat verdachte vervolgens twee mededaders (B en C) heeft aangebracht voor de daadwerkelijke uitvoering van de te plegen overval, dat verdachte voorafgaand aan de overval contact met die twee mededaders onderhield, dat A en verdachte alles wat ze hebben gedaan hebben overlegd, dat ze er samen achter stonden en dat ze van begin af aan hadden gezegd dat het om geld ging. Voorts heeft het Hof vastgesteld dat verdachte ook nauw betrokken is geweest bij de verwikkelingen na de overval door het onderbrengen van een groot deel van de buitgemaakte voorwerpen bij zijn zus, en bij de pogingen die voorwerpen te gelde te maken, waarbij verdachte zou delen in de opbrengst. Ad 2. Falende bewijsklacht medeplegen poging witwassen, mede in aanmerking dat verdachte met mededader A heeft besproken dat de slachtoffers wel zouden willen betalen voor de ontvreemde voorwerpen, dat A een brief heeft opgesteld inhoudende dat de slachtoffers een bedrag van € 300.000,- moesten betalen om die voorwerpen terug te krijgen, dat verdachte van de inhoud van deze brief op de hoogte was, dat verdachte ter voorkoming van sporen een tasje heeft schoongemaakt en aan A heeft gegeven, dat dit tasje met een deel van de ontvreemde voorwerpen aan de voordeur van de woning van de slachtoffers is gehangen gelijktijdig met het bezorgen van de brief, en dat verdachte een keer is meegereden naar de woning van de slachtoffers toen daar een brief werd bezorgd. Voorts blijkt uit ’s Hofs vaststellingen dat een groot deel van de in de brief aangeboden voorwerpen door verdachte na de overval waren ondergebracht bij zijn zus en dat verdachte zou delen in de opbrengst van deze voorwerpen. CAG: anders t.a.v. medeplegen poging witwassen. Samenhang met 16/05323, 16/05534, 17/00263 en 17/01703.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken