HR 15 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2655

N-o verklaring verdachte in zijn h.b. Mogelijkheid tot herstel gebrekkige schriftelijke volmacht, die niet is ondertekend door een advocaat maar door diens juridische medewerker. HR: Op de gronden die zijn vermeld in de CAG is het middel terecht voorgesteld. AG herhaalt ECLI:NL:HR:2016:102 m.b.t. de eisen waaraan een schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker om h.b. in te stellen dient te voldoen en de gevallen waarin een verzuim in de volmacht voor gedekt kan worden gehouden. Gelet hierop is Hofs oordeel dat het gebrek in de schriftelijke volmacht niet voor gedekt kan worden gehouden door de ttz. in h.b. afgelegde verklaring van verdachte dat hij h.b. heeft willen aanwenden en daartoe de juridische medewerker aan de telefoon heeft gesproken, onjuist.

De uitspraak op rechtspraak.nl