HR 6 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2023
Art. 1.1 Sr, 225.1 Sr, 235.1 Sr, 69.2 AWR en 69.6 AWR. Bijkomende straf: ontzetting van de uitoefening van het beroep van belastingadviseur/belastingconsulent. De in art. 235.1 Sr en art. 69.6 AWR vervatte bepalingen voorzien in de mogelijkheid van oplegging van een (bijkomende) straf. De invoering hiervan per 1 april 2010 (Stb. 2009, 245) houdt derhalve een uitbreiding in van de toepasselijke regels van sanctierecht. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat de bewezenverklaarde feiten zijn begaan voor 1 april 2010, heeft het Hof miskend dat de genoemde bepalingen op grond van het in art. 1.1 Sr vervatte legaliteitsbeginsel t.a.v. verdachte buiten toepassing dienen te blijven. HR vernietigt uitspraak t.a.v. de bijkomende straf.
De uitspraak op rechtspraak.nl