HR 13 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3028
OM-cassatie. Witwassen, art. 420bis Sr. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:702 en ECLI:NL:HR:2015:1655. HR overweegt dat indien de feitenrechter op grond van ECLI:NL:HR:2014:702 het bewezenverklaarde niet als witwassen heeft gekwalificeerd, bij de beoordeling van de begrijpelijkheid van die beslissing de in ECLI:NL:HR:2015:1655 genoemde factoren evenzeer van belang zijn. In het onderhavige geval gaat het om een in een woning van verdachte aangetroffen geldbedrag van ruim € 93.000,–. Het kennelijke oordeel dat aannemelijk is dat dat geldbedrag onmiddellijk afkomstig is uit de door de verdachte zelf begane misdrijven, is niet zonder meer begrijpelijk nu hetgeen door de raadsvrouwe is aangevoerd - mede gelet op hetgeen het OM in dit verband in h.b. naar voren heeft gebracht - bezwaarlijk kan worden aangemerkt als een voldoende concretisering in de onder ECLI:NL:HR:2015:1655, sub (iii) bedoelde zin zowel van de door verdachte gepleegde misdrijven als van het verband tussen die misdrijven en het aangetroffen geldbedrag.
De uitspraak op rechtspraak.nl