HR 18 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:376
Beklag, beslag. Art. 552a en 552d Sv. 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep. 2. Verschoningsrecht. Ad 1.De Rb heeft het klaagschrift ongegrond verklaard v.zv. het beklag betrekking heeft op de inbeslagneming van "stukken vallend onder matternummer 70075299". In zoverre kan klager in het ingestelde beroep worden ontvangen. T.a.v. de beslissingen die de Rb m.b.t. de "stukken vallend onder matternummer 70072463" heeft genomen, is de beschikking te beschouwen als een tussenbeschikking (vgl. ECLI:NL:HR:1987:AC9669). Aangezien art. 552d Sv noch enige andere wetsbepaling voorziet in afzonderlijk cassatieberoep tegen een tussenbeschikking als i.c., kan klager in zoverre in het ingestelde beroep niet worden ontvangen. Ad 2. De HR herhaalt toepasselijke overweging uit ECLI:NL:HR:2010:BJ9262. Het oordeel van de Rb dat m.b.t. de onder klager inbeslaggenomen stukken geen beroep kan worden gedaan op een (afgeleid) verschoningsrecht, omdat het mogelijke verschoningsrecht van mr. Y op die stukken is prijsgegeven door de voeging van die stukken in "een andere matter", zijnde een dossier onder een ander matter-nummer ten aanzien waarvan een ander dan een advocaat verantwoordelijkheid draagt, geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting.
De uitspraak op rechtspraak.nl