HR 28 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:188
Witwassen. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:2001. I.c. gaat het om het bewezenverklaarde voorhanden hebben van o.m. geldbedragen die naar het oordeel van het Hof afkomstig zijn uit door verdachte zelf begane misdrijven welke kennelijk verband houden met kort gezegd het bewezenverklaarde bezit van een vuurwapen en cocaïne, en heeft het Hof geoordeeld dat zulks (medeplegen van) witwassen oplevert. Aangezien uit de motivering van dat oordeel echter niet kan worden afgeleid dat sprake is van meer dan het enkele voorhanden hebben van die geldbedragen doordat de gedragingen van verdachte ook (kennelijk) gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van die geldbedragen, is het oordeel van het Hof ontoereikend gemotiveerd.
De uitspraak op rechtspraak.nl