HR 23 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ8248

Art. 9.2 Opiumwet. Onderzoek aan de kleding. Het Hof heeft geoordeeld dat i.c. sprake was van een onderzoek aan de kleding en dat de opsporingsambtenaar daartoe o.g.v. art. 9.2 Ow bevoegd was. De HR verstaat dit oordeel aldus dat de sommatie van de opsporingsambtenaar aan verdachte om de onderbroek geheel te laten zakken is gedaan met het oog op en dus was gericht op het onderzoek van die onderbroek en derhalve niet mede was gericht op het doen van een onderzoek aan het lichaam van verdachte. Aldus opgevat geeft dit oordeel niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting omtrent de reikwijdte van de in art. 9.2. Ow verleende bevoegdheid en is het niet onbegrijpelijk.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen