HR 28 augustus 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX4491

Betekening appeldagvaarding. V.zv. het middel klaagt dat de appeldagvaarding niet bij aangetekende brief is verzonden aan verdachtes adres in België, geeft het blijk van miskenning van art. 5.1 EU-Rechtshulpovereenkomst. V.zv. het middel klaagt dat die dagvaarding ook niet als gewone brief aan verdachte is verzonden, mist het feitelijke grondslag. Het oordeel van het Hof dat de appeldagvaarding rechtsgeldig is betekend, geeft niet blijk van een onjuiste toepassing van art. 588.2 Sv en art. 5.1 EU-Rechtshulpovereenkomst. Anders dan de A-G is de HR van oordeel dat het middel geen klacht bevat m.b.t. de naleving van art. 588a Sv. De A-G heeft zich niet uitgelaten over de overige voorgestelde middelen. De HR stelt de A-G daartoe alsnog in de gelegenheid en verwijst de zaak naar de rolzitting.

De uitspraak op rechtspraak.nl