HR 7 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN6965

Economische zaak. Strafoplegging en art. 359.2 Sv, uos. Gevorderd: bevestiging vonnis (Geldboete van € 75.000,- wv € 25.000,- vw). Opgelegd: € 75.000,-. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR LJN AX5479: o.g.v. art. 359.2 Sv moet de beslissing over - onder meer - de oplegging van een straf en/of maatregel nader worden gemotiveerd, indien de rechter daarbij afwijkt van door of namens verdachte dan wel door het OM 'uitdrukkelijk onderbouwde standpunten'. Indien het gaat om een uos van het OM kan verdachte in cassatie in de regel niet met vrucht klagen over de nadere motivering van de afwijking van dat standpunt van het OM dan wel over het ontbreken van die nadere motivering. De verdachte mist immers in het algemeen een rechtens te respecteren belang bij zo een klacht. Dit neemt niet weg dat zich het geval kan voordoen dat de door de rechter opgelegde straf in die mate afwijkt van de door het OM gevorderde straf dat de strafoplegging zonder opgave van de redenen die tot die afwijking hebben geleid, onbegrijpelijk zou zijn. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat de door het Hof opgelegde straf niet zodanig afwijkt van de door de AG gevorderde straf, is de strafoplegging ook zonder nadere motivering niet onbegrijpelijk. Conclusie AG: anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen