HR 6 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM5282
OM-cassatie. Grondslagverlating. ‘Wederrechtelijk binnendringen’ a.b.i. art. 138 Sr. De HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 1971, 96. De door het Hof genoemde omstandigheid dat "nu bij eerdergenoemde vordering de toegang voor de periode van een jaar wordt ontzegd, niet met de gewenste nauwkeurigheid getoetst kan worden of de rechthebbende ook op het in de tll. genoemde tijdstip redelijkerwijs kon en mocht bepalen dat deze persoon wederrechtelijk in de flat is binnengedrongen", getuigt van een onjuiste opvatting omtrent de in de tenlastelegging voorkomende uitdrukking "wederrechtelijk is binnengedrongen", nu dir niet kan gelden als een bijzondere omstandigheid.
De uitspraak op rechtspraak.nl