HR 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BK7368

Herziening. Aanvrager is veroordeeld wegens het op 30-3-2005 en 12-4-2005 in NL verblijven terwijl hij wist of moest vermoeden dat hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard. Bij de aanvraag is overgelegd een beschikking van de Rb dat aanvrager m.i.v. 19-4-1985 de NL-se nationaliteit bezit. Dat levert een ernstig vermoeden a.b.i. art. 457.1.2º Sv op.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen