HR 9 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH5768
OM-cassatie. Vereisten van art. 153 Sv. In ’s Hofs overwegingen ter motivering van de vrijspraak ligt als ’s Hofs oordeel besloten dat de kennisgeving van bekeuring niet voldoet aan de vereisten van art. 153 Sv, omdat op de kennisgeving slechts het nummer van de verbalisant is vermeld en niet de naam van de verbalisant. Art. 153 Sv houdt o.m. in dat een p-v door een opsporingsambtenaar persoonlijk en op ambtseed dient te worden opgemaakt, gedagtekend en ondertekend. De stukken i.c. houden in dat de kennisgeving van bekeuring op ambtsbelofte is opgemaakt en ondertekend door een met het verbalisantnr. 001 aangeduide ambtenaar en dat in het later door de opsporings-ambtenaar X opgemaakte en ondertekende p-v is gerelateerd dat genoemde kennisgeving is opgemaakt en ondertekend door de opsporingsambtenaar Y. Gelet daarop is ‘s Hofs oordeel dat er "niet voldoende wettig bewijs" is, zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk.
De uitspraak op rechtspraak.nl