HR 9 december 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF5557

1. Locus delicti. Uitleg “verbergen of verhullen” a.b.i. art. 420bis (witwassen) , art. 420ter (gewoontewitwassen) en art. 420quater Sr (schuldwitwassen). 2. Verjaring van de misdrijven waarop het witwassen betrekking heeft. Ad 1. Het Hof heeft zonder blijk te geven van een onjuiste rechtsopvatting kunnen oordelen dat de misdrijven in de woonplaats van verdachte zijn begaan, nu het kennelijk en niet onbegrijpelijk heeft aangenomen dat verdachte uit zijn woonplaats het beheer voerde over de desbetreffende banksaldi. Daarbij heeft de HR in aanmerking genomen dat het “verbergen of verhullen” a.b.i. art. 420bis, art. 420ter en art. 420quater Sr in een geval als i.c., waarin op rekeningen op naam van anderen door verdachte banksaldi zijn aangehouden die naar verdachte wist van misdrijf afkomstig waren, niet enkel kan bestaan uit gedragingen waarmee wordt bewerkstelligd dat deze saldi op een zodanige rekening worden gestort, maar ook uit gedragingen waardoor plaatsing van die saldi op een zodanige rekening voortduurt. Ad 2. De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat misdrijven die zijn gepleegd vóór de inwerkingtreding van deze wettelijke bepalingen op 14-12-2001 en die mogelijk voor of na die datum zijn verjaard, niet als “enig misdrijf” i.d.z.v. voormelde bepalingen kunnen gelden, is onjuist.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen