HR 11 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU4086
1. Verlof ex art. 552p Sv zonder openbare behandeling en uitspraak. 2. Art. 6 EVRM in beginsel niet van toepassing op beklagprocedure art. 552a Sv. Ad 1. Ex art. 552p.4 jo. 552a.5 Sv dient de behandeling van een vordering ex art. 552p Sv in het openbaar plaats te vinden. Dat brengt gelet op art. 24.1 Sv mee dat de beschikking in het openbaar moet worden uitgesproken, ook indien de behandeling ex art. 22.2 Sv met gesloten deuren heeft plaatsgevonden. Naar voortvloeit uit HR NJ 2005, 407 mag in een geval als i.c., waarin toepassing is gegeven aan art. 23.5 Sv openbaarheid van de behandeling in raadkamer achterwege blijven. Daartoe kan de raadkmer bevelen dat de gehele behandeling met gesloten deuren plaatsvindt. Doel en strekking van art. 23.5 Sv zouden worden ondergraven indien de beschikking vervolgens niettemin in het openbaar zou worden uitgesproken. Redelijke wetstoepassing brengt daarom mee dat art. 24.1, tweede volzin, Sv, in een geval als i.c. uitzondering lijdt en dat van het doen van uitspraak in het openbaar kan worden afgezien. 2. Art. 6 EVRM is in beginsel n.v.t. op de beklagprocedure ex art. 552a Sv aangezien er in deze procedure geen rechten of verplichtingen van burgerrechtelijke aard worden vastgesteld. Van bijzondere omstandigheden waarin dat anders kan zijn is hier niet gebleken.
De uitspraak op rechtspraak.nl