HR 6 mei 2003, ECLI:NL:HR:2003:AH8765
Herziening. Arnhemse Villamoord in 1998. Medeplegen diefstal met geweld de dood ten gevolge hebbende, art. 312.3 Sr. Aanvragen houden betwisting in van juistheid van diverse door hof genomen beslissingen op verzoeken en verweren, bevatten herhaling van t.o.v. hof geuite klachten en behelzen voorts als opvatting van aanvrager dat hij ten onrechte is veroordeeld. Als grondslag voor herziening kunnen krachtens art. 457.1.2 Sv slechts dienen een of meer door opgave van b.m. gestaafde omstandigheden die bij onderzoek ttz. niet zijn gebleken en die ernstig vermoeden wekken dat, waren zij bekend geweest, onderzoek der zaak zou hebben geleid hetzij tot vrijspraak van veroordeelde hetzij tot ontslag van rechtsvervolging hetzij tot niet-ontvankelijkverklaring van OM hetzij tot toepasselijkverklaring van minder zware strafbepaling. Het in aanvragen gestelde behelst niets wat kan worden aangemerkt als beroep op omstandigheden als hiervoor vermeld. Aanvraag n-o. Vervolg op HR:2002:AD8901 (strafzaak).
De uitspraak op rechtspraak.nl