HR 16 maart 1999, ECLI:NL:HR:1999:ZD1498

Passieve ambtelijke omkoping door als burgemeester gift in de vorm van geldbedrag (fl. 21.760) aan te nemen van vennootschap, terwijl gift is gedaan om hem te bewegen deze vennootschap te begunstigen t.o.v. andere bedrijven (art. 363.1 Sr). 1. Wetenschap a.b.i. art. 363.1 Sr. Heeft hof miskend dat onder de in art. 363.1 Sr voorkomende woorden "wetende dat" geen voorwaardelijk opzet is begrepen? 2. Reactie van raadsman van verdachte op CAG. Slaat HR acht op tweede Borgersbrief? Ad 1. Voor de in art. 363.1 Sr gevorderde wetenschap van verdachte t.a.v. de hem gedane gift of belofte is vereist dat doel van die gift of belofte de verdachte duidelijk was. Met zijn overweging dat verdachte moet hebben begrepen en ook heeft begrepen dat voordeel op kavelprijs aan hem was verleend opdat hij als burgemeester van gemeente in strijd met zijn plicht, anders dan om zakelijke redenen, vennootschap zou begunstigen boven haar concurrenten bij verlenen van opdrachten, heeft hof als zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat het voor verdachte duidelijk moet zijn geweest dat voordeel op kavelprijs hem was verleend met dat doel. Dat oordeel volgt ook uit hetgeen hof dienaangaande blijkens gebezigde bewijsmiddelen heeft vastgesteld, te weten dat verdachte t.t.v. bewezenverklaard feit burgemeester was, dat hij wist dat prijs voor kavel grond die hij in zijn gemeente wilde kopen fl. 160 per vierkante meter was, dat hij fl. 125 per vierkante meter heeft geboden en dat in tegenstelling tot hetgeen hij had verwacht vennootschap dit bod heeft geaccepteerd. Klacht berust derhalve op verkeerde lezing van 's hofs arrest. Ad 2. HR heeft kennis genomen van eerste Borgersbrief van raadsman. Bij griffie HR is voorts nog tweede Borgersbrief van raadsman ingekomen. HR zal op deze brief geen acht slaan omdat het in strijd is met goede procesorde om nogmaals op CAG te reageren. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen