HR 16 juni 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZD1194
Ontucht met iemand onder 16 jaar (meermalen gepleegd), art. 247 Sr. 1. Voldaan aan klachtvereiste door aangifte slachtoffers bij politie en schriftelijke verzoeken slachtoffers aan hulp OvJ om tegen verdachte strafvervolging te doen instellen? Art. 164.1 en 165.1 Sv. 2. Opsporingsonderzoek en inverzekeringstelling toegestaan als geen klacht is gedaan? Ad 1. Ex art. 164.1 Sv bestaat klacht uit aangifte en verzoek tot vervolging, terwijl ex art. 165.1 Sv uitsluitend OvJ en hulp OvJ bevoegd zijn tot ontvangen klacht. In bestreden uitspraak besloten liggend oordeel Hof dat OvJ ontvankelijk is in vervolging nu tijdig klacht is gedaan door slachtoffers, geeft niet blijk van verkeerde rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Tot nadere motivering van zijn oordeel was Hof niet gehouden, nu ter zake ttz. geen verweer is gevoerd. Ad 2. Het belang van klachtgerechtigde, dat ongewenste ruchtbaarheid - die door de door het delict getroffene als pijnlijk wordt ervaren - wordt vermeden, brengt in beginsel mee dat ook onderzoek ter voorbereiding van vervolging achterwege blijft indien geen klacht is gedaan. Die regel lijdt evenwel uitzondering indien klachtgerechtigde - naar uit ’s Hofs vaststellingen in de gebezigde b.m. blijkt door het doen van aangifte - te kennen heeft gegeven een zodanig onderzoek te wensen (vgl. HR NJ 1978/692). Volgt verwerping.
De uitspraak op rechtspraak.nl