HR 21 januari 1975, ECLI:NL:HR:1975:AB5457
Cassatie in het belang van de wet. Vordering tot tenuitvoerlegging van eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf. Uitleg van ‘zich op andere wijze heeft misdragen’ a.b.i. art. 14a.1 Sr, tekst van wet en wetsgeschiedenis. Kan hieronder mede worden begrepen geval dat veroordeelde zich aan strafbaar feit schuldig heeft gemaakt? Opvatting dat in art. 14a.1 Sr voorkomende bewoordingen ‘zich op andere wijze heeft misdragen’ moeten worden verstaan als ‘zich op andere wijze heeft misdragen dan door zich schuldig te maken aan strafbaar feit’, laat zich verdedigen in het licht van tekst van wet, waarin als gronden voor tul naast elkaar worden genoemd dat veroordeelde zich aan strafbaar feit heeft schuldig gemaakt en dat veroordeelde zich op andere wijze heeft misdragen. Blijkens wetsgeschiedenis van art. 14a Sr is het echter bedoeling van wetgever geweest dat onder ‘zich op andere wijze misdragen’ mede kan worden begrepen geval dat veroordeelde zich aan strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Nu tekst van dit art. zich niet dwingend verzet tegen lezing in overeenstemming met bedoeling van wetgever, moet die bedoeling in dit geval de doorslag geven. Volgt verwerping. CPG: anders.
De uitspraak op rechtspraak.nl