Hof 's-Hertogenbosch 2 april 2026, ECLI:NL:GHSHE:2026:933
De advocaat-generaal heeft de gevangenneming van de verdachte gevorderd in de huidige zaak, omdat verdachte in aanmerking zou kunnen komen voor detentiefasering, verlof, dan wel andere vrijheden in verband met de detentie van de executie van de voornoemde straf. Het gerechtshof heeft de vordering toegewezen en de voorlopige hechtenis met onmiddellijke ingang geschorst ter fine van executie van een onherroepelijke straf.
De uitspraak op rechtspraak.nl