Hof 's-Hertogenbosch 18 december 2024, ECLI:NL:GHSHE:2024:4088

Aan belanghebbende, Rijnvarende, is de aanslag IB/PVV opgelegd, ervan uitgegaan dat belanghebbende verplicht verzekerd is in Nederland voor de PVV. Het hof is van oordeel dat de aanslag terecht is opgelegd. De inspecteur is immers in het kader van de premieheffing gebonden aan een door de SVB afgegeven A1-verklaring. Er is geen sprake van strijd met het evenredigheidsbeginsel, het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel, het gelijkheidsbeginsel en het correctiebeleid van de Belastingdienst. Belanghebbende heeft geen recht op verrekening van in het buitenland geheven premies. Voor de beoordeling van een tegemoetkoming zoals voorzien in de Regeling tijdelijke tegemoetkoming rijnvarenden is het hof onbevoegd. Het in de aanslag begrepen loon is niet te hoog vastgesteld. Ten slotte is het hof van oordeel dat de rechtbank de proceskostenvergoeding tot een te hoog bedrag heeft vastgesteld

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken