Hof 's-Hertogenbosch 28 februari 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BC7263

Nu vaststaat dat de begrafeniskosten ten bedrage van € 5.245 eerst zijn opgekomen en betaald na het overlijden van de erflater kunnen deze niet worden geacht op de erflater te drukken in de zin van artikel 6.1, eerste lid, aanhef en onderdeel a van de Wet IB 2001. Dientengevolge kunnen deze kosten niet op het inkomen van de erflater in mindering worden gebracht als persoongebonden aftrek. Het standpunt van belanghebbenden dat het recht op persoonsgebonden aftrek het gehele kalenderjaar omvat en niet beperkt wordt door het overlijden van de erflater, vindt geen steun in de wet noch in de jurisprudentie (zie het arrest van de Hoge Raad van 27 juni 2001, nr. 36 211, BNB 2002/318).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen